Ondertrouw

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Ondertrouw of huwelijksaangifte is de benaming die gebruikt wordt voor het aangeven van het voornemen om te trouwen. Het "in ondertrouw gaan" is in België en Nederland noodzakelijk om te kunnen trouwen. In België en Nederland gebeurt de ondertrouw voor het burgerlijk huwelijk bij de ambtenaar van de Burgerlijke Stand in de woonplaats van de bruid of de bruidegom (naar keuze). De ondertrouw voor het Rooms-katholieke kerkelijk huwelijk gebeurt bij de parochiepriester. Deze stap gaat gepaard met een pastoraal gesprek en heeft gewoonlijk plaats bij de parochiepriester van de toekomstige bruid.

De periode van ondertrouw dient om na te kunnen gaan of aan alle wettelijke en kerkrechtelijke eisen voor het aangaan van een huwelijk voldaan is. In de meeste landen mag iemand bijvoorbeeld niet trouwen als hij of zij op hetzelfde moment al met een ander getrouwd is.

Nederlandse situatie voor het burgerlijk huwelijk[bewerken]

De periode tussen de ondertrouw en het huwelijk ligt niet strikt vast, doch er mag volgens artikel 46 van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek (Nederland) maximaal een jaar en er moeten volgens artikel 62 van datzelfde boek minimaal veertien dagen tussen zitten, tenzij ontheffing van het Openbaar Ministerie is verkregen.

Bij de ondertrouw worden onder andere de volgende zaken uitgevoerd:[bron?]

  • Het overleggen van de geboorteakte;
  • Vastleggen van datum en de tijd van het huwelijk;
  • Het kiezen van de getuigen;
  • Bepaling van de kosten van de huwelijksvoltrekking, (de hoogte van dit bedrag is onder andere afhankelijk van de gekozen dag, tijd en locatie);
  • Wanneer een van de toekomstige echtgenoten de Nederlandse nationaliteit niet bezit, dient de IND het huwelijk te fiatteren.

Bij het in ondertrouw gaan ontvangt het aanstaande bruidspaar mogelijk informatie over de huwelijksvoltrekking, en kan er overlegd worden over de precieze wensen hierover.

Externe link[bewerken]