Positieve psychologie

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Positieve psychologie is een stroming binnen de psychologie. De grondleggers van de positieve psychologie, Martin Seligman en Mihaly Csiksentmihalyi gaven aan (Seligman & Csikszentmihalyi, 2000) dat het binnen de positieve psychologie over drie onderwerpen gaat:

  • positieve ervaringen die mensen kunnen hebben, zoals geluk, hoop en liefde
  • positieve eigenschappen, zoals vitaliteit, doorzettingsvermogen en wijsheid
  • positieve instituties oftewel manieren waarop instellingen een positief verschil kunnen maken binnen de maatschappij.

De positieve psychologie ziet zich daarmee als een uitbreiding op de '"traditionele" psychologie, die primair gericht is op het ontdekken en genezen van psychische problemen als depressie, burn-out, enzovoort. Daarnaast zetten ze zich af tegen de humanistische psychologie omdat ze zich louter willen baseren op empirisch wetenschappelijk onderzoek (Seligman & Csikszentmihalyi, 2000).

Martin Seligman heeft de positieve psychologie onder de belangstelling gebracht tijdens zijn voorzitterschap van de Amerikaanse Psychologische Associatie in 1998. Seligman is onder andere bekend van zijn onderzoek naar depressies en het aangeleerde hulpeloosheid-fenomeen. Een andere pleitbezorger van de positieve psychologie is de Amerikaanse psycholoog Mihaly Csiksentmihalyi (bekend van het begrip flow). Inmiddels zijn tienduizenden psychologische studies verricht naar "positieve" fenomenen als betrokkenheid, coping, tevredenheid, zelfvertrouwen, leren, persoonlijke ontwikkeling en motivatie) (Compton, 2004; Aspinwall & Staudinger, 2004; Snyder, 2002). Een groot deel van die studies is overigens verschenen vóórdat Seligman en Csikszentmihalyi de positieve psychologie op de kaart zetten, wat laat zien dat een substantieel deel van de in de positieve psychologie bestudeerde onderwerpen ook al veel aandacht in de traditioneel georiënteerde psychologie kreeg.

Of deze "nieuwe" stroming het gezicht van de psychologie daadwerkelijk zal veranderen is vooralsnog de vraag. Critici (Lazarus, 2003) stellen dat de factoren die het optreden van negatieve psychologische verschijnselen bevorderen dezelfde zijn als die het optreden van positieve verschijnselen verhinderen. Een te hoge werkdruk leidt bijvoorbeeld tot de aanwezigheid van burn-out (een negatief verschijnsel), alsook tot de afwezigheid van engagement/betrokkenheid (een positief verschijnsel). Sommige concepten uit de positieve psychologie zijn dan ook direct te herleiden tot reeds bekende concepten uit de traditionele psychologie (bijvoorbeeld engagement -- vertrouwen in eigen kunnen, kracht, betrokkenheid - is ontwikkeld als tegenpool van het burn-out-concept - geen vertrouwen hebben in eigen kunnen, vermoeidheid, afstand nemen van het werk).

Externe link[bewerken]


Literatuur

  • Aspinwall, L. G., Staudinger, U. M. (Eds) (2003). A psychology of human strengths: fundamental questions and future directions for a positive psychology. Washington, American Psychological Association.
  • Compton, W.C. (2005). Introduction to positive psychology. Belmonth, Wadsworth.
  • Lazarus, R.S. (2003). Does the positive psychology movement have legs? Psychological inquiry. 14 (2) 93-109.
  • Seligman, M.E.P. Csikszentmihalyi, M. (2000). Positive Psychology. An Introduction. American Psychologist. 55 (1) 5-14.
  • Snyder, C.R., Lopez, S.J. (Eds) (2005). Handbook of positive psychology. New York, Oxford University Press.