Qiblih

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Graftombe van Bahá'u'lláh
Kaart van de qiblih aan de Wereld

In het bahá'í-geloof is de qiblih (Arabisch: قبلة) de locatie waarnaar bahá'ís zich moeten keren wanneer zij hun dagelijkse verplichte gebeden zeggen en is de graftombe van Bahá'u'lláh, in de buurt van Akko, gelegen in het huidige Israël.

De qiblih werd oorspronkelijk geïdentificeerd door de Báb met "Degene Die God zal manifesteren", een messiaanse figuur voorspeld door de Báb. Bahá'u'lláh, die als de vervulling van deze profetie wordt gezien, bevestigt in de Kitáb-i-Aqdas de verklaring van de Báb en bepaalde verder zijn laatste rustplaats als de qiblih. 'Abdu'l-Bahá beschrijft deze plek als de "lichtgevende graftombe", "de plaats waaromheen de scharen in den Hoge rondcirkelen".

Het concept bestaat ook in andere godsdiensten. Joden richten zich naar de plaats van de oude Tempel van Jeruzalem. Moslims keren zich tot de Ka'aba in Mekka, die zij ook de qibla noemen (een andere transliteratie van qiblih).

Bahá'ís aanbidden het heiligdom van Bahá'u'lláh of de inhoud ervan niet; de qiblih is een richtpunt voor de verplichte gebeden. Voor andere gebeden volgen bahá'ís wat er in de Koran staat: "Maar waarheen gij u ook wendt, daar is het aangezicht van God."

Bron[bewerken]