Rahmon Nabiyev

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Rahmon Nabiyevitsj Nabiyev (Sjeikburhan, 5 oktober 1930 - Chodzjand, 10 of 11 april 1993) was een communistisch staatsman afkomstig uit de toenmalige Tadzjiekse Socialistische Sovjet Republiek. Nabiyev volgde een opleiding aan het Technisch Instituut en Mechanisch Landbouw Instituut van Tasjkent. Nabiyev werkte als technisch ingenieur in Chodzjand. Van 1982 tot december 1985 was Nabiyev eerste secretaris van de Communistische Partij van Tadzjikistan (afdeling van de Communistische Partij van de Sovjet-Unie).

Op 23 september 1991 werd Nabiyev president van het onafhankelijke Tadzjikistan. In december 1991 werd de onafhankelijkheid van Tadzjikistan door de USSR erkend. Nabiyev, die tot de oude garde van de communisten behoorde, volgde een communistische koers, en bleef trouw aan het lokalisme, dat de provincies Chodzjand en Kulob bevoordeelde boven de andere Tadzjiekse regio's. Nabiyev moest weinig hebben van de oppositie. Nabiyev won de ondemocratische presidentsverkiezingen van december 1991. Zijn tegenkandidaat, de regisseur Davlad Chodanazar, wist echter toch 36% van de stemmen te behalen.

In 1992 brak er in Tadzjikistan een burgeroorlog uit tussen de regio's Chodzjand en Kulob enerzijds en de regio Qurghonteppa anderzijds. In september 1992 vielen demonstranten het parlementsgebouw in Doesjanbe binnen en dwongen president Nabiyev onder bedreiging van een pistool tot aftreden, wat hij ook deed.

Nabiyev vluchtte naar zijn geboorteregio (en stad) Chodzjand en koos de zijde van de strijdende partij aldaar. Nabiyev overleed aldaar in april 1993.