Schubbige boschampignon

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Schubbige boschampignon
Kleiner Waldchampignon-1.jpg
Taxonomische indeling
Rijk: Fungi (Schimmels)
Stam: Basidiomycota
Onderstam: Agaricomycotina
Klasse: Agaricomycetes
Orde: Agaricales
Familie: Agaricaceae
Geslacht: Agaricus
Soort
Agaricus silvaticus
Schaeff. (1774)
Portaal  Portaalicoon   Biologie

De schubbige boschampignon (Agaricus silvaticus) is een zwammensoort uit de familie Agaricaceae. De paddenstoel (vruchtlichaam) wordt tussen de 8 en 14 cm hoog en komt voor van juli tot oktober.

Beschrijving[bewerken]

De hoed is aanvankelijk gewelfd en vlakt later af en heeft een doorsnede tot 10cm. Het oppervlak van de hoed is kaneelbruin en aanvankelijk bedekt met zijdeachtige vezels, die als de paddenstoel volgroeid is vervangen worden door kleine schubben (squamulose). De lamellen zijn bij de jonge schubbige boschampignon roze tot blauwgrijs, later worden deze donker-chocoladebruin. De steel, die naar het voeteinde verdikt, is 6 tot 15 cm lang en varieert in dikte van 1 tot 1,5 cm. Halverwege de steel zit een brede, afstaande ring. Bij het volgroeid raken van de paddenstoel verschijnen er barsten aan de rand van de hoed en wordt de steel hol. Hij ontspringt niet uit een beurs zoals vele andere zwammen. Bij het aansnijden tenslotte kleurt het vlees van de schubbige boschampignon rood.

Habitat[bewerken]

De paddenstoel groeit in in naaldbossen (met name onder sparren) met een kalkhoudende bodem.

Toepassingen[bewerken]

De paddenstoel is eetbaar en heeft een iets zoete smaak met een lichte amandelgeur.