Trochee

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Een trochee (mv. trocheeën) of troch(a)eus (mv. troch(a)ei) (Oudgrieks: τροχαῖος (trochaío), loper) is een versvoet bestaande uit een beklemtoonde lettergreep gevolgd door een onbeklemtoonde. Men noteert de trochee als - \smile.

Poëzie[bewerken]

Voorbeelden van trocheeën in de poëzie zijn:

  • Zonne stervend zonk in zee,
    en een wijde wade spreidde
    op de brede kimme neer
    't wolkenheer.
    (Frederik van Eeden)

Fonologie[bewerken]

In de fonologie wordt de term meer in het algemeen gebruikt om de prosodische structuur van lettergrepen in verschillende talen te beschrijven. Zo is bijvoorbeeld de lettergreepstructuur van het Latijn overwegend trochaïsch; in een vorm als ár-bo-rem is de laatste lettergreep extrametrisch. Paroxytona hebben altijd een trochaïsche structuur.

Het woord trochee heeft zelf een jambische structuur, de tegenhanger van de trochaïsche structuur.

Zie ook[bewerken]