Vergrootwoord

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Een vergrootwoord of augmentatief is het tegenovergestelde van een verkleinwoord. Een vergrootwoord wordt gemaakt door aan een basiswoord een voor- of achtervoegsel toe te voegen.

In het Nederlands en Duits functioneert het voorvoegsel "groot" om een vergrootwoord aan te duiden, zo kennen we grootouder, grootmeester en groothandel. Maar men kan dit niet zoals een verkleinwoord op bijna ieder woord toepassen. In het Italiaans, Spaans en Portugees is het verschijnsel vergroting veel productiever; men kan van bijna ieder woord een vergrootwoord maken op dezelfde manier als een verkleinwoord, namelijk door middel van een achtervoegsel.

Italiaanse vergrootwoorden zijn populaire leenwoorden in andere talen, zo is er in het Nederlands bijvoorbeeld:

  • ponton is een verbastering van pontone het vergrootwoord van brug, in het Italiaans ponte;
  • trombone is het vergrootwoord van trompet, in het Italiaans tromba.
  • cello is een verkorting van violoncello, het Italiaanse verkleinwoord van violone (grote viool, bas), dat zelf het vergrootwoord is van het Italiaanse viola, (alt)viool;
  • minestrone is het vergrootwoord van soep, in het Italiaans minestra;
  • miljoen, een grote duizend, ofwel het vergrootwoord van duizend, mille;
  • ballon, een grote bal.
  • salon, een grote zaal.

In het Engels zijn er ook enkele voorbeelden:

  • cartoon, een verbastering van cartone, ofwel het vergrootwoord van papier, carta;
  • saloon, een verbastering van salone, ofwel het vergrootwoord van zaal, sala.