Viscose

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Viscose is een stroperige organische vloeistof die wordt gebruikt bij de productie van rayongarens en cellofaan. Ook wordt de naam viscose wel als synoniem gebruikt voor rayon.

Het productieproces gaat als volgt: cellulose uit hout of katoen wordt behandeld met natriumhydroxide, en dan vermengd met koolstofdisulfide. Hierbij wordt cellulose xanthaat gevormd dat wordt opgelost in meer natriumhydroxide. Dit vormt de viscose-oplossing.

Deze oplossing kan heet door een smalle spleet worden geperst (met behulp van een extruder) om cellofaan te maken, of door een spinneret (spindop) om rayongaren te spinnen. Hierbij wordt door middel van een zuur de cellulosestructuur weer hersteld.

Het productieproces voor het maken van viscose is al in 1891 ontdekt door drie Britse chemici: Charles Cross, Edward Bevan en Clayton Beadle. De octrooien op dit proces zijn gekocht door Courtaulds. Het proces wordt nu in Europa minder gebruikt dan in het verleden[bron?], omdat koolstofdisulfide en bijproducten van het proces milieuvervuilend zijn.

Zie ook[bewerken]