Zoek dit woord op in WikiWoordenboek

Adamsappel

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Adamsappel bij een man.

Adamsappel is de alledaagse naam voor de prominentia laryngea, het naar voren uitstekende gedeelte van het schildkraakbeen (cartilago thyreoides) dat als een verhevenheid midden voor in de hals zichtbaar is.

Onder invloed van mannelijke geslachtshormonen groeit het schildkraakbeen in de puberteit sterk, waarbij de adamsappel naar voren uitgroeit. Daarom is met name bij mannen de adamsappel duidelijk zichtbaar. Enkele millimeters onder de adamsappel zit de voorste aanhechting van de stembanden.

Etymologie[bewerken | brontekst bewerken]

Het woord adamsappel is afgeleid van de Bijbelse figuur Adam en verwijst naar de verboden vrucht die hij at en die deels in zijn keel zou zijn blijven steken. Het stuk fruit was vervolgens bij iedere man zichtbaar als een verdikking in de hals.

Hoewel het woord 'appel' in het Bijbelboek Genesis niet voorkomt, wordt de gewraakte vrucht doorgaans omschreven als een appel. Waarschijnlijk is daarom de Latijnse soortnaam van de appel 'malus', hetgeen ook 'slecht' betekent.[1] In verschillende talen wordt eenzelfde aanduiding gebruikt: Adam's apple (Engels), pomme d'Adam (Frans), Adamsapfel (Duits) of pomum Adami[2] (medisch Latijn).

Zie ook[bewerken | brontekst bewerken]

Zie de categorie Laryngeal prominence van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.