Anna van Kleef (1515-1557)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Anna van Kleef
1515-1557
Portret door Hans Holbein de Jonge
Portret door Hans Holbein de Jonge
Koningin van Engeland
Periode 1540-1540
Voorganger Jane Seymour
Opvolger Catherine Howard
Vader Johan III van Kleef
Moeder Maria van Gulik-Berg
Kleve anna von cleve.jpg

Anna van Kleef (Düsseldorf, 22 september 1515Hever Castle, 16 juli 1557) was koningin van Engeland in 1540. Zij was de vierde vrouw van Hendrik VIII.

Hendrik huwde Anna, dochter van hertog Johan III van Kleef (de leider van de Duitse protestanten) uit politieke overwegingen op 6 januari 1540. Hij zocht een (vierde) vrouw en had voor dat doel zijn adviseur Thomas Cromwell langs de Europese hoven gestuurd. Hans Holbein maakte een fraai portret van Anna. Toen Hendrik haar in het echt zag voldeed ze niet aan zijn verwachtingen (het portret dat hij te zien kreeg is hetzelfde als hier afgebeeld is). Naar verluidt beet hij Cromwell toe dat die hem een 'Vlaamse knol' op zijn dak had gestuurd. Hendrik, die zijn laatste vrouw Jane Seymour kort na de bevalling van hun zoon Eduard had moeten begraven, kon echter niet meer onder het huwelijk uit. Het betekende de politieke ondergang van Cromwell.

De Franse ambassadeur beschreef haar als 'middelmatig mooi'.[1] Ze had brede heupen, maar noch uit haar portret, noch uit verklaringen van tijdgenoten valt op te maken dat zij lelijk was.

Zo trouwde de Engelse koning, met spijt in het hart. Het huwelijk hield niet lang stand. Hendrik liet zich al in juli van hetzelfde jaar van haar scheiden. Anna kreeg een riant jaargeld en beschikking over verschillende huizen: Hever Castle (de voormalige woning van Anna Boleyn), Blenchingly Castle en Richmond Castle. Ook kreeg ze de titel 'zuster van de koning' en werd ze een graag geziene gast aan het hof. Haar opvolgster was Catharina Howard.

Noot[bewerken]

  1. Ambassadeur Charles de Marillac, geciteerd in Pierre de Vaissière, Charles de Marillac, ambassadeur et homme politique sous les règnes de François Ier, Henri II et François II, Parijs, Welter, 1896.