Annemarie Estor
| Annemarie Estor | ||||
|---|---|---|---|---|
Estor (2019) | ||||
| Persoonsgegevens | ||||
| Geboortedatum | 24 april 1973 | |||
| Geboorteplaats | Gouda | |||
| Geboorteland | ||||
| Opleiding en beroep | ||||
| Beroep | schrijfster | |||
| Werkveld(en) | creatief en professioneel schrijven,[1] vertaling[1] | |||
| Oriënterende gegevens | ||||
| Floruit | 2018 | |||
| Werken | ||||
| Genre(s) | verhalende poëzie, essay | |||
| Uitgeverij(en) | Wereldbibliotheek | |||
| Erkenning en lidmaatschap | ||||
| Prijzen en onderscheidingen | Jan Campert-prijs | |||
| Dbnl-profiel | ||||
| [www.annemarieestor.com Website] | ||||
| ||||
Annemarie Estor (Gouda, 24 april 1973) is een Nederlandstalig dichter. Haar poëzie werd bekroond in Vlaanderen, Nederland en de Verenigde Staten.
Leven en werk
[bewerken | brontekst bewerken]Estor heeft de Nederlandse nationaliteit. Zij woonde achtereenvolgens in Gouda (1973-1977), Grathem (1977-1991), Maastricht (1991-1996) en Den Haag (1996-2004), waarna ze emigreerde naar de Belgische stad Antwerpen (2004-heden). Sinds 2015 brengt zij ook perioden door in haar amandelboomgaard in Aragon, Spanje. Zij is sinds 2006 zelfstandig redacteur, docent en kunstenaar. Van 2010-2019 was zij tekstredacteur bij het cultureel-maatschappelijk tijdschrift Streven, tot dit werd wegbezuinigd. Van 2020-2023 redigeerde zij drie essaybundels behorende bij de Trends Leerstoel 'Economie van de Hoop' aan de Universiteit Antwerpen. Gevoed door haar off-grid bestaan in Aragón zette zij zich binnen Streven en binnen deze Leerstoel in voor een 'Economie van het Genoeg'. Sinds 2019 doceert zij literaire technieken aan de Schrijversacademie Antwerpen. Zij is sinds 2009 gehuwd met Alexander van der Wagt.
Studies en onderzoek
[bewerken | brontekst bewerken]Estor studeerde van 1991 tot 1996 Cultuur- en Wetenschapsstudies aan de Universiteit Maastricht en was vervolgens van 1996 tot 2000 assistent in opleiding (AIO) aan de vakgroep Engels van de Universiteit Leiden. In 2004 promoveerde zij daar op haar proefschrift over Jeanette Winterson. In 1999 was zij 'fellow' aan de International School for Theory in the Humanities in Santiago de Compostela (1999), waar zij studeerde bij onder andere Mihai I. Spariosu en Giuseppe Mazzotta. Haar artistiek onderzoek tijdens een dichtersresidentie bij het Nederlands Instituut voor Hersenwetenschap te Amsterdam (2005, onder auspiciën van Dick Swaab) en bij het Labo voor Theoretische Neurobiologie (2006, Universiteit Antwerpen), onder begeleiding van Erik De Schutter, droeg bij tot haar 'crime-poem' Niemandslandnacht (2018). Op 1 mei 2026 begon Estor aan de Universiteit Gent als vrijwilliger aan een postdoctoraal onderzoek naar geweld in het werk van vrouwelijke dichters (1900-2025).
Literair werk
[bewerken | brontekst bewerken]Belangrijke thema's in Estors narratieve en mythologische poëzie zijn de grens en de overschrijding daarvan, vorm en metamorfose, zuiverheid en vermenging. Estor snijdt actuele maatschappelijke thema's aan (multiculturaliteit, de impact van technologie op de leefomgeving, milieu en lichaam) en schildert (post-)apocalyptische scènes, maar schuwt ook het schone niet. Estors keuze voor narratieve poëzie werd ingegeven door haar bewondering voor gedichten van onder andere Dylan Thomas (Under Milk Wood) en Luis Morales (El dolor es un largo viaje). Van 2014-2018 was Estor bestuurslid van PEN Vlaanderen[2], waar zij meewerkte aan het project 'Polyfoon', met Arabische auteurs. Critici wijzen op de vele vormen van hybridisering in haar werk. Ook de grens tussen het schrijven en het tekenen vervaagt geregeld. Zo werkte zij van 2010-2013 samen met Lies Van Gasse aan een beeldverhaal per post over de historische figuur Kaspar Hauser dat leidde tot een expositie in het Antwerpse Letterenhuis. Ook levert Estor nagenoeg altijd het beeld voor haar boekomslagen. De synesthesie, de extase en de roes zijn in haar werk vitale esthetische principes.
Muziek en video
[bewerken | brontekst bewerken]Estor volgde tussen haar zesde en vierentwintigste muzieklessen - theorie, blokfluit, melodisch slagwerk en zang. Zij speelde melodisch slagwerk bij Harmonie St. Agatha te Grathem en zong o.a. bij het Residentiekoor Den Haag, Opera in Ahoy (Brabantkoor) en Muzikaal Ensemble Alegría. Enkele gedichten van Estor zijn op muziek gezet: 'Wysiwyg', 'Vliegen' en 'Dag reiziger' door Maartje Meijer, 'Vriezer met vensters' door Jeroen D'hoe en 'Glas' door Paul van Gulick. Voor gitarist Geert van Weerden schreef zij enkele liedteksten. 'Global Underground' werd door Bob van den Berg gebruikt als basis voor een video in het project 'Bewogen verzen'. Met componist Maarten Ter Horst maakte zij het lied 'Als de muziek dit zingt', in opdracht van Festival Vocallis.[3]
Vertalingen
[bewerken | brontekst bewerken]Estor vertaalt incidenteel hedendaagse poëzie van het Arabisch naar het Nederlands: van Nouri Al-Jarrah (i.s.m. Nassira Takhtoukh) van Mohanad Jacob (i.s.m. Fatena Al-Ghorra); van Adnan Adil (i.s.m. de dichter); en van Faraj Bayrakdar (i.s.m. Sameh Khader). Gedichten van haar hand werden vertaald door Hazim Kamaledin (Arabisch), Daniel Cunin (Frans), Frederick Turner (Engels), Rosalind Buck (Engels), Stefan Wieczorek (Duits), Jan Mysjkin en Doina Ioanid (Roemeens) en Antonio Cruz Romero (Spaans).
Nominaties en onderscheidingen
[bewerken | brontekst bewerken]- 2011: Herman de Coninckprijs voor het beste debuut - voor Vuurdoorn me
- 2013: Herman de Coninckprijs voor de beste dichtbundel - voor De oksels van de bok
- 2015: Nominatie voor de Hugues C. Pernath-prijs - voor Dit is geen theater meer
- 2018: Longlist LangZullenWeLezen-Trofee - voor Niemandslandnacht
- 2018: Jan Campert-prijs - voor Niemandslandnacht
- 2019: Nominatie voor de Paul Snoekprijs - voor Niemandslandnacht
- 2021: Longlist Grote Poëzieprijs 2021 - voor De bruidsvlucht
- 2024: Frederick Turner Prize 2024 - voor haar oeuvre
Boeken
[bewerken | brontekst bewerken]- Methods for the Study of Literature as Cultural Memory (2000), (wetenschappelijke artikelen, als samensteller met Raymond Vervliet), Rodopi, Amsterdam
- Jeanette Winterson's Enchanted Science (2004), proefschrift, Talkingtree
- Vuurdoorn me (2010), gedichten, Wereldbibliotheek
- De oksels van de bok (2012), een gedicht, Wereldbibliotheek
- Het boek Hauser (met Lies Van Gasse) (2013), een beeldverhaal, Wereldbibliotheek
- Marktisme: Kritiek op het berekenende samenleven (2013) (essays, als samensteller met Walter Weyns en Stijn Geudens), Pelckmans, Kalmthout
- Dit is geen theater meer (2015), gedichten, Wereldbibliotheek
- Roodkapje verduisterd (2015), (poëzie en beeldende kunst) (met Marianne Aartsen, Piet Gerbrandy en Eva Gerlach), Glance-aside
- Aan de andere oever van het verlangen. Arabische schrijvers verleiden Vlaamse schrijvers, (2016), (poëzie en proza, als dichter en samensteller met Joke van Leeuwen) Uitgeverij P, Leuven
- Niemandslandnacht (2018), een crime-poem, Wereldbibliotheek
- De bruidsvlucht (2020), gedichten, Poëziecentrum
- Onster Target (2021), gedichten en tekeningen in kleur, Poëziecentrum
- Nanopaarden megasteden (2022), gedichten, Wereldbibliotheek
- Het overschot (2025), een gedicht, Wereldbibliotheek
- Villa Allucina (2026), Poëziecentrum
Verhalen
[bewerken | brontekst bewerken]- De baard van meester Fratello (2012), in (ecologisch tijdschrift)|Oikos, editie 60, jrg. 12, nummer 1.
- In het land waar niets is wat het lijkt (2015), in Streven, april 2015.
Secundaire literatuur
[bewerken | brontekst bewerken]- Jeroen Dera, 'Zijn stem had het gedaan. Annemarie Estors poëticale lokroep', in NY, nr. 20, 2014.
- Piet Gerbrandy, 'Scheur haar open', in De Groene Amsterdammer, 9 september 2015.
- Jeroen Dera, 'Honger naar het vuil. Lezen achter de spijlen van Annemarie Estor', in DWB, nr. 1, 2016.
- Fabian Stolk, 'Een volstrekt hybride dichterschap. Over Annemarie Estor', in Dichters van het nieuwe millennium, Vantilt, Nijmegen, 2016.
- Erik Lindner, 'Het is de taal maar. Drie dichtbundels van Annemarie Estor', in Ons Erfdeel, nr. 3, 2016.
- Bart Loos, 'Een vruchtbare ontmoeting - tussen 'De oksels van de bok' van Annemarie Estor en 'L'érotisme' van Georges Bataille, in Streven, juni 2017.
- Nadia Sels, 'De duistere bouwput van een moderne mythe. "De oksels van de bok" van Annemarie Estor', in Bundels van het nieuwe millennium, Vantilt, Nijmegen, 2018.
- Jeroen Dera, ‘Annemarie Estor’, hoofdstuk in Kritisch Literatuur Lexicon van de 21e eeuw, april 2019 verschenen op ResearchGate.net
- Guus Middag, ‘Vuurdoorn me’, in De wereld is weer plat, ja, De poëzie van tegenwoordig, Uitgeverij Van Oorschot, Amsterdam, 2019.
- Piet Gerbrandy, 'Zwendelheks. De betoverende poëzie van Annemarie Estor', in De Gids, nr. 2, 2023.[4]
- Geertjan de Vugt, 'Een olijfroes. Over 'Nanopaarden megasteden' van Annemarie Estor', in DWB, nr. 2, 2023.[5]
- Annelies Verbeke, 'In de poëzie van Annemarie Estor ronkt en bonkt een enorme levenslust', in De Lage Landen, augustus 2025.[6]
Externe link
[bewerken | brontekst bewerken]- 1 2 Nationaal Normbestand van Tsjechië; geraadpleegd op: 14 februari 2024; NKC-identificatiecode: osd20241214101.
- ↑ Bestuur PEN Vlaanderen
- ↑ Opdrachten Vocallis 2022. Festival Vocallis. Geraadpleegd op 25 maart 2023.
- ↑ Zwendelheks. De betoverende poëzie van Annemarie Estor – De Gids. www.de-gids.nl. Geraadpleegd op 3 september 2023.
- ↑ Een olijfroes. Over 'Nanopaarden megasteden' van Annemarie Estor / Literaire kritieken / Lees | DW B. www.dwb.be. Geraadpleegd op 3 september 2023.
- ↑ In de poëzie van Annemarie Estor ronkt en bonkt een enorme levenslust – De Lage Landen. https://www.de-lage-landen.com/. Geraadpleegd op 3 september 2025.