Buysbrug

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Buysbrug
De Buysbrug over het Oostelijk Marktkanaal, gezien vanaf de Jan van Galenstraat met op de achtergrond molen De Otter in de Gilles van Ledenberchstraat. 3 oktober 2013
Algemene gegevens
Locatie Amsterdam-West
Coördinaten 52° 23′ NB, 4° 52′ OL
Overspant Oostelijk Marktkanaal
Bouw
Bouwperiode 1995
Gebruik
Huidig gebruik voetgangers/fietsers
Weg Buyskade (Kostverlorenvaart)
Architectuur
Type hefbrug
Architect(en) UNStudio
Materiaal staal, hout
Buysbrug (Amsterdam-Centrum)
Buysbrug
Portaal  Portaalicoon   Verkeer & Vervoer

De Buysbrug is een bouwkundig kunstwerk in Amsterdam-West.

Geschiedenis en ligging[bewerken | brontekst bewerken]

De Buyskade langs de Kostverlorenvaart is een straat die op 2 september 1913 haar naam kreeg; een vernoeming naar de Leidse hoogleraar in het staatsrecht Johannes Theodoor Buys (1828-1893), die vooral bekend is om een boek dat hij heeft geschreven over de Nederlandse Grondwet. De brug ligt dan ook aan de zuidgrens van de Staatsliedenbuurt. Aan die Buyskade ontstond een bedrijventerrein, dat in de jaren 80 en 90 langzaam werd omgebouwd tot woonwijk. De straatnaam werd daarbij tevens gebruikt als naam van de wijk (Buyskade e.o.). Bij die herinrichting vond stadsdeel West dat er een verbinding kwam met de Jan van Galenstraat. Die was vanaf de kade wel zichtbaar om onbereikbaar; er ligt het Oostelijk Marktkanaal tussen. Om die 62 meter te kunnen overbruggen moesten voetgangers en fietsers circa één kilometer omlopen of omrijden.

Brug[bewerken | brontekst bewerken]

Het stadsdeel schreef een opdracht uit en uit de inzendingen koos ze een ontwerp van architecten Ben van Berkel en Caroline Bos, dan werkend onder Architectenbureau Bos en Van Berkel en vanaf 1998 samen UNStudio vormend. Zij kwamen met een vakliggersbrug, die aan het uiterlijk van een Baileybrug doet denken. Samen met ingenieursbureau Van Rossum kwam er een vaste brug met twee knikken met een beweegbaar middendeel. Dat beweegbare deel is noodzakelijk omdat de in het genoemde kanaal liggende woonarken wel eens (verhalen) of in nood via de Kostverlorenvaart af- of ingevoerd moeten worden.

Behalve dat de brug het kanaal overspant moest zij ook een hoogteverschil overbruggen tussen de laag gelegen kade en de hooggelegen Jan van Galenstraat. Achteraf bleek dat het architecten- en ingenieursbureau onvoldoende rekening hadden gehouden met het stijgingspercentage. Voor voetgangers en fietsers is het een kuitenbijter geworden, voor rolstolgangers is het een moeizaam te nemen helling. Voorts kent de brug geen fysiek gescheiden paden. De brug kreeg de titel "Fietsbrug zonder invalidenhelling". Na oplevering moest de antisliplaag regelmatig vernieuwd worden.

Het middendeel is een variant op een hefbrug. De brug heeft echter geen heftorens, zoals normaliter het geval is. Het brugdek wordt namelijk niet omhoog getrokken, maar door een hydraulische cilinder omhoog geduwd; die hefkolom is verwerkt in het noordelijk plateau annex brugpijler. Het oogt nogal instabiel, maar er zijn voor zover bekend geen ongelukken bekend, aldus Frank V. Smit.

Vanaf de brug heeft de reiziger een goed zicht op de monumentale houtzaagmolen De Otter en de Beltbrug.

Afbeeldingen[bewerken | brontekst bewerken]

Buysbrug naar het zuiden met op de achtergrond de Beltbrug (oktober 2020)
Buysburg naar het zuiden (oktober 2020)