Deelgemeente (België)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Jump to search
Plaatsnaambord op de grens van deelgemeente Vladslo in de gemeente Diksmuide

Een deelgemeente is in België het grondgebied van de voormalige gemeenten die vóór de grote gemeentelijke herindelingen in de jaren 1960-'70 nog zelfstandig waren.[bron?] Binnen een fusiegemeente liggen dus net zoveel deelgemeenten als gemeenten waaruit de fusiegemeente ooit is ontstaan. Een voormalige gemeente mag zich deelgemeente noemen als het een onafhankelijke gemeente was op 1 januari 1961, de officiële startdatum van de grote herindelingsoperatie met de uitzondering van Haren, Laken en Neder-Over-Heembeek en de deelgemeente Brussel die sinds 1921 deelgemeenten zijn van de stad Brussel[1].

Deelgemeente heeft geen enkele juridische of bestuurlijke consequentie. De begrenzing en de postcodes worden wel nog aangehouden in de adressen en in het dagelijks spraakgebruik. Veel gemeenten plaatsen ook plaatsnaamborden op de grenzen van de deelgemeentes.

Districten[bewerken]

In België mogen steden met meer dan 100.000 inwoners hun deelgemeenten districten noemen,[2] voorzien van een eigen districtsraad. Enkel Antwerpen maakt momenteel van dit recht gebruik. In tegenstelling tot de deelgemeenten in de rest van het land vormen de districten een bestuurslaag. Ze worden bestuurd door het districtscollege en de inwoners worden vertegenwoordigd door de districtsraad. De Antwerpse districten zijn dan ook te vergelijken met de voormalige Amsterdamse en Rotterdamse deelgemeenten. In het Brussels Hoofdstedelijk Gewest werden de 19 gemeenten niet gefusioneerd, maar deze gemeenten worden door velen toch beschouwd als een vorm van extra lokale bestuurslaag zoals in andere grote steden,[bron?] waarbij het Hoofdstedelijk Parlement de volledige stad vertegenwoordigt.[bron?]

Zie ook[bewerken]