Eduard van Woodstock

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Eduard van Woodstock
1330-1376
Plantagenet, Edward, The Black Prince, Iconic Image.JPG
1e opvolger voor de Engelse troon
Periode 1330-1376
Voorganger Jan van Cornwall
Opvolger Richard van Bordeaux
Prins van Wales
Periode 1330-1376
Voorganger Eduard
Opvolger Richard van Bordeaux
Vader Eduard III van Engeland
Moeder Filippa van Henegouwen

Eduard van Woodstock (Woodstock (Engeland) (Oxfordshire), 15 juni 1330Palace of Westminster (Westminster), 8 juni 1376), bijgenaamd de Zwarte Prins, was de oudste zoon van Eduard III van Engeland.

Hij is nooit koning geworden omdat hij een jaar eerder stierf dan zijn vader. Naast prins van Wales was hij ook hertog van Guyenne. In die laatste hoedanigheid was hij leenplichtig aan de Franse koning. Zijn bijnaam heeft hij waarschijnlijk te danken aan de kleur van zijn wapenuitrusting.

De meningen over de verdiensten van de prins zijn zeer verdeeld. Bij de ridders in zijn tijd was Eduard zeer geliefd; Chandos Herald sprak over diens bestuur in Zuid-Frankrijk als "zeven jaren van vreugde, vrede en plezier" terwijl de prins in werkelijkheid een verkwistend schrikbewind had gevoerd. De prins liet het platteland verwoesten door zijn soldaten en legde zware belastingen op om een enorme hofhouding en een dagelijkse tafel voor 400 gasten te onderhouden. In 1367 kwamen de edelen van Gascogne tegen hem en zijn belastingen in opstand. De prins was een toonbeeld van ridderlijk gedrag maar voor behoorlijk bestuur, economie, of mensen buiten zijn eigen klasse, de ridderstand, had hij geen oog.

Hij stond in zijn tijd bekend als een zeer kundig veldheer. Als 16-jarige vocht hij mee met zijn vader tijdens de slag bij Crécy. Jan de Blinde, de koning van Bohemen, vocht aan de zijde van de Fransen en sneuvelde in Crécy. Jan droeg struisvogelveren op zijn helm. Die werden door Eduard III aan zijn zoon geschonken. De struisvogelveren zijn nog steeds te zien in het blazoen van de prins van Wales. Volgens de legende adopteerde Eduard ook het motto Ich dien van Jan de Blinde, maar er zijn ook aanwijzingen dat Eduard III van Engeland hetzelfde motto al gebruikte.

In de Slag bij Poitiers, 10 jaar later, wist hij koning Jan II van Frankrijk gevangen te nemen. In 1362 werd hij hertog van Aquitanië. Hij was niet geliefd vanwege de zware belastingen die hij hief. De stad Limoges kwam daarom in 1370 tegen hem in opstand. Na deze opstand onderdrukt te hebben, liet hij volgens de kroniekschrijver Jean Froissart 3000 inwoners doden, zowel mannen, vrouwen als kinderen.

Eduard trouwde in 1361 met zijn volle nicht Johanna van Kent. Het echtpaar kreeg twee kinderen:

  • Eduard (1365-1372)
  • Richard (1367-1400), die in 1377 zijn grootvader Eduard III opvolgde als Richard II.

Eduard stierf in 1376 aan dysenterie en aan de gevolgen van een ontstoken wonde die hij had opgelopen in een veldtocht in Spanje. Hij werd begraven in de kathedraal van Canterbury.

Referenties[bewerken]