Eugène Mattelaer

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Eugène Mattelaer (Kortrijk, 26 juli 1911 - Knokke-Heist, 18 mei 1999) was een Belgische doctor in de geneeskunde, stomatoloog en politicus in de gemeente Knokke-Heist.

Jeugd[bewerken]

Mattelaer was de tweede van de tien kinderen van apotheker Pierre Mattelaer (1880-1941) en Philomene Briers (1883-1957). Hij trouwde in Knokke in 1937 met Lieve De Beir. Ze hadden verschillende kinderen.

Hij volgde de Latijns-Griekse humaniora aan het Sint-Amandscollege in Kortrijk. Hij was er actief in het Algemeen Katholiek Vlaams Studentenverbond (AKVS). Vanaf september 1927 was hij hoofdredacteur van het clandestiene blaadje Gildeblad. Dit kostte hem een tijdelijke wegzending van school.

Student[bewerken]

Hij studeerde geneeskunde in Leuven (1929-1935).

In 1930-1931 was hij binnen het AKVS ondervoorzitter van gouw West-Vlaanderen en zetelde in het hoofdbestuur. Hij was secretaris in dit hoofdbestuur (1931-1933) en beheerder van het tijdschrift De Blauwvoet. Hij nam deel aan de besprekingen met kanunnik Karel Dubois over de plaats die het AKVS binnen de opkomende Katholieke actie kon innemen.

In 1934-1935 was hij praeses van het Katholiek Vlaams Hoogstudentenverbond (KVHV) in een periode van spanningen tussen uiteenlopende gezindten. Hij slaagde erin de eenheid te bewaren en nam initiatieven zoals het omvormen van Ons Leven tot weekblad, het oprichten van een studentenrestaurant en het stichting van een vereniging van Sociale Hulp.

Hij was ook praeses van Moeder Kortrijkse en lid van het Senioren Konvent.

Arts[bewerken]

Hij behaalde in 1935 zijn diploma van arts aan de Katholieke Universiteit Leuven en van tandheelkundige aan de Universiteit Gent. Na zijn legerdienst werd hij in 1937 assistent in de heelkundige dienst van de Heilig-Hartkliniek in Oostende, bij dr. Depuydt. Tijdens de meidagen 1940 deed hij dienst als officier-geneesheer in Namen. Na een korte krijgsgevangenschap in Colditz, behaalde hij zijn licentiaatsdiploma in de tandheelkunde. Hij bevorderde tot luitenant-kolonel geneesheer.

In 1942 vestigde hij zich als stomatoloog samen met zijn echtgenote, eveneens tandarts, in haar ouderlijk huis, het nabij de Lippenslaan gelegen Zwart Huis dat in opdracht van haar vader dokter Raymond De Beir werd gebouwd (1924) naar plannen van architect Huib Hoste. Hij oefende het beroep uit tot in 1976.

Tijdens de laatste oorlogsmaanden, toen Knokke van de rest van het bevrijde België was afgesneden, was hij bijzonder actief bij het verzorgen van gewonden in het hospitaal van het Rode Kruis op het Verweeplein.

Hij speelde een belangrijke rol in de vernederlandsing van het Rode Kruis. Hij was een van de grondleggers en van 1976 tot 1981 de ondervoorzitter van de Vlaamse Gemeenschap van het Rode Kruis.

Politiek[bewerken]

In 1945 werd in Knokke een afdeling opgericht van de pas gestichte Christelijke Volkspartij. Mattelaer werd er medevoorzitter van. Dit waren zijn eerste stappen in de politiek.

In het vooruitzicht van de gemeenteraadsverkiezingen van 1946 werden gesprekken gevoerd tussen Léon Lippens, John Verhulst, de dominicaan Vincent Dewilde en Eugène Mattelaer, met het doel een lijst 'Gemeentebelangen' op te stellen, die een zo ruim mogelijke deelname van uiteenlopende strekkingen zou realiseren. Ze slaagden erin de CVP en een aantal apolitieke personen te overtuigen, maar niet de liberale partij die afzonderlijk verder wilde werken.

Mattelaer was van 1954 tot 1958 lid van de provincieraad van West-Vlaanderen voor de CVP.

Burgemeester[bewerken]

Van 1 januari 1947 tot 1966 was hij schepen van Knokke. Hij werd er in 1966 burgemeester van, in opvolging van Léon Lippens en bleef dit tot in 1971.

Na de gemeentelijke fusie was hij burgemeester van de gemeente Knokke-Heist tot in 1973.

Andere activiteiten[bewerken]

Geneeskunde[bewerken]

  • Lector aan de Katholieke Universiteit Leuven
  • Lid van de provinciale gezondheidscommissie
  • Nationaal voorzitter van de geneesheren-mondartsen in België
  • Nationaal bestuurslid Anti-venerische Liga
  • Nationaal ondervoorzitter geneesheren - reserveofficieren
  • Provinciaal voorzitter en lid van de Nationale Raad van het Belgische Rode Kruis

Cultuur[bewerken]

  • Lid van de provinciale commissie voor letterkunde
  • Bestuurslid Christelijk Vlaams Kunstenaarsverbond
  • Stichter en erevoorzitter Culturele Raad Knokke
  • Erevoorzitter Stedelijke harmonie 'De zeegalm'
  • Voorzitter en erevoorzitter Volksontwikkeling - Davidsfonds Knokke

Kerk[bewerken]

  • Voorzitter van de vereniging 'Pro Petri Sede', West-Vlaanderen

Publicaties[bewerken]

Mattelaer stond bekend als verdienstelijk dichter. Hij publiceerde een vijftiental bundels, onder meer:

  • Terugblik, Knokke, 1966
  • Kring des Levens, Knokke, 1969
  • Liber Amicitiae, Knokke, 1972
  • Houd ze brandend de lamp, Knokke, 1974, 1975, 1980
  • De andere oever, Knokke, 1976
  • Ontmoeting, Knokke, 1977
  • Nooit de moed opgeven (een gedicht in 750 talen), Knokke, 1978, 1979, 1981
  • In Vlaanderens velden. Een boek over strijd en vrede, Vertaling van In Flanders Fields van John McCrae, Knokke, 1982.

Memoires:

  • Als 't gemeen u roept, verzorg het als uw eigen. 40 jaar politieke inzet, Knokke, 1991

Literatuur[bewerken]

  • Louis VOS, Ideologie en idealisme. De Vlaamse studentenbeweging te Leuven tussen de twee wereldoorlogen, in: Belgisch Tijdschrift voor Nieuwste Geschiedenis, 1975, blz. 263-328
  • Luc SCHEPENS, De provincieraad van West-Vlaanderen, 1921-1978, Tielt, 1979
  • Fred GERMONPREZ, Eugeen Mattelaer, VWS-cahiers, 1981
  • Louis VOS, Bloei en ondergang van het AKVS, Leuven, 1982
  • Constant DEVROE (dir.), Liber Amicorum dokter Eugène Mattelaer, Knokke, 1992
  • Niklaas MADDENS & Louis VOS, Eugène Mattelaer, in: Nieuwe encyclopedie van de Vlaamse Beweging, Tielt, 1998

Externe links[bewerken]

Voorganger:
Léon Lippens
Burgemeester van Knokke
1966-1971
Opvolger:
geen
Voorganger:
geen
Burgemeester van Knokke-Heist
1971-1973
Opvolger:
Emmanuel Desutter