George Willem van Brunswijk-Lüneburg

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
George Willem van Brunswijk-Lüneburg
1624-1705
Georg Wilhelm (Braunschweig-Lüneburg)@Residenzmuseum Celle20160708 07.jpg
Hertog van Brunswijk-Calenberg
Periode 1648-1665
Voorganger Christiaan Lodewijk
Opvolger Johan Frederik
Hertog van Brunswijk-Lüneburg
Periode 1665-1705
Voorganger Johan Frederik
Opvolger George Lodewijk
Vader George van Brunswijk-Calenberg
Moeder Anna Eleonora van Hessen-Darmstadt

George Willem van Brunswijk-Lüneburg (Herzberg, 26 januari 1624 - Wienhausen, 28 augustus 1705) was 1648 tot 1665 hertog van Brunswijk-Calenberg en van 1665 tot aan zijn dood hertog van Brunswijk-Lüneburg. Hij behoorde tot het Nieuwere Huis Lüneburg.

Levensloop[bewerken]

George Willem was de tweede zoon van hertog George van Brunswijk-Calenberg en diens echtgenote Anna Eleonora, dochter van landgraaf Lodewijk V van Hessen-Darmstadt. Hij studeerde in Utrecht en ondernam uitgebreide reizen, waaronder naar Wenen.

In 1648 stond zijn broer Christiaan Lodewijk aan George het hertogdom Brunswijk-Calenberg af, een functie waarbij hij resideerde in de stad Hannover. Onder George Willem gebeurden er ettelijke bouwwerken in de stad en werd de stadsomwalling van Hannover versterkt. Bovendien liet hij in 1652 een groentetuin aanleggen in Linden, nabij Hannover.

George Willem was oorspronkelijk verloofd met Sophia van de Palts (1630-1714), dochter van keurvorst Frederik V van de Palts, maar in 1658 stond hij haar af aan zijn broer Ernst August. Toen zijn oudere broer Christiaan Lodewijk in 1665 stierf, erfde George Willem in 1665 het hertogdom Brunswijk-Lüneburg. Omdat zijn broer Johan Frederik de regering van het hertogdom trachtte over te nemen, stond hij na onderhandelingen het hertogdom Brunswijk-Calenberg aan Johan Frederik af. George Willem ging als hertog van Brunswijk-Lüneburg vervolgens resideren in Celle.

In de Schoonse Oorlog tussen Brandenburg en Zweden nam hij van 1675 tot 1676 als opperbevelhebber van de Duits-Deense troepen aan de Bremen-Verdense veldtocht.

In 1676 huwde George Willem met Eleonora d'Olbreuse (1639-1722), een Hugenote afkomstig uit de lagere adel. Onder invloed van zijn vrouw vaardigde hij in april 1684 een edict uit waarin hij alle Franse Hugenotenvluchtelingen welkom heette en ondersteuning beloofde. Zijn hof in Celle werd op die manier een grote Hugenotenkolonie, waarbij meestal uit Poitou afkomstige vluchtelingen snel opklommen in leidende posities.

George Willem en Eleonora hadden een dochter Sophia Dorothea (1666-1726). Zij huwde in 1682 tegen haar zin met haar neef George Lodewijk (1660-1727), de zoon van George Willems broer Ernst August die in 1692 verheven werd tot keurvorst van Hannover en in 1714 koning van Groot-Brittannië werd.

In 1689 brak er na het overlijden van hertog Julius Frans van Saksen-Lauenburg een successieoorlog uit in het hertogdom. George Willem bezette Saksen-Lauenburg en verenigde het de facto in een personele unie met Brunswijk-Lüneburg. Keizer Leopold I bezette echter het Land Hadeln, een exclave van het hertogdom Saksen-Lauenburg dat voortaan onder keizerlijk bestuur kwam.

In 1705 stierf George Willem op de hoge leeftijd van 81 jaar. Zijn schoonzoon George Lodewijk verenigde na zijn dood het hertogdom Brunswijk-Lüneburg met het keurvorstendom Hannover. George Willem werd bijgezet in de Vorstelijke Crypte van het Slot van Celle.

Bij de Griekse Zendria Buccolini had hij een buitenechtelijke zoon Lucas van Bocco (overleden in 1727), die officier werd in een dragonderregiment.