Hotel O

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Hotel "O"
Stripreeks De Kiekeboes
Volgnummer 44
Scenario Merho
Tekeningen Merho
Type softcover
Pagina's 46
Eerste druk 1988
ISBN 9002164327
Albums van De Kiekeboes
Portaal  Portaalicoon   Strip

Hotel O (soms ook Hotel "O") is de titel van het 44e stripverhaal van De Kiekeboes. De reeks wordt getekend door striptekenaar Merho. Het album verscheen in 1988.

Verhaal[bewerken]

Leeswaarschuwing: Onderstaande tekst bevat details over de inhoud en/of de afloop van het verhaal.

Terwijl de rest van de familie Kiekeboe naar Rhoda trekt om er te genieten van de zon, gaat Fanny werken in Hotel O, op het Franse eilandje Île Faux le Fer. De directeur van het hotel, Osnoprodavonoblikavitch, is in alle staten wanneer de eerste bus toeristen onderweg is en zijn hotel nog niet echt helemaal afgewerkt is. Uiteindelijk komt dit in orde en krijgen de eerste gasten hun kamer, die geen nummers zijn, maar namen van schilders dragen, toegewezen. De volgende dag staat de familie Kiekeboe in het hotel om er te blijven logeren: hun vlucht naar Rhoda was immers afgelast door een staking. Maar omdat familie van het personeel niet in het hotel mag logeren, geeft Kiekeboe zich uit onder de naam Smits. Ze slapen in de Manet-kamer.

Alles loopt naar wens tot een reeks diefstallen het hotel begint te plagen. Ondertussen verwachten de heren Van Avondt en Van Acht, die logeren in de Monet-kamer, een speciale levering. Deze wordt per toeval afgeleverd in de Manet-kamer, die van Kiekeboe. Het betreft een glazen bokaal met glimmende bolletjes in, die lijken op diamanten. De familie Kiekeboe is er niet, maar wel een zwerver, die komt uitrusten in het hotel en clandestien in de Manet-kamer verblijft. Van de man die de bokaal leverde, moet de zwerver hem in de koelkast zetten. Maar 's nachts wordt de bokaal gestolen. Van Avondt, die doorheeft dat zijn levering niet correct is verlopen, neemt gewapend Kiekeboe mee naar het bedrijf Snotdolf. Daar wordt afgesproken dat ze Kiekeboe en ook de zwerver zullen aftuigen in de ruïnes van Marcus Vilanus, waar Dow Jones een concert geeft. Uiteindelijk kunnen ze door Konstantinopel en Jan (de jongen die het gemunt heeft op Fanny) worden bevrijd en worden Van Avondt en Van Acht opgesloten in de gevangenis. Ook komt aan het licht dat de dief uit het hotel barones Gamba de Calamares was en dat ook zij de bokaal had gestolen. Op het einde blijkt dat die bokaal eigenlijk viseitjes zijn van vissen zonder graat. Van Avondt, een louche zakenman, had lucht gekregen van deze uitvinding en wilde als eerste op de markt komen met deze vissensoort.

Achtergronden bij het verhaal[bewerken]

  • De titel "Hotel O." is een woordspeling op Shakespeares toneelstuk Othello.
  • Rhoda doet denken aan Rhodos maar is een woordspeling op het margarinemerk "Roda".
  • Fanny beweert in strook 1 de deodorant "Fleur Pistache" te gebruiken.
  • Het eiland île Faux le Fer is een woordspeling op de Franse uitdrukking "Il faut le faire" ("Men moet het maar doen.").
  • De "wereldberoemde popzanger Dow Jones" is een karikatuur van Michael Jackson. Zijn naam is een woordspeling op de beursindex Dow Jones. Zijn miljoenenhit “Wall Street Blues” verwijst naar de beurs van Wall Street en de politieserie Hill Street Blues.
  • Meneer O.'s echte naam, Osnoprodavonoblikavitch, heeft volgens Merho geen echte verborgen betekenis. Hijzelf is er nooit in geslaagd zijn volledige naam van buiten te leren, maar tot zijn ergernis onthouden en gebruiken anderen die wél altijd. Op het einde van het verhaal slaagt hij er plots toch in.
  • In strook 7 kunnen we een tekenfoutje zien: in het laatste prentje verdwijnt Meneer O.'s snor plotseling.
  • Meneer en Mevrouw Zurings achternaam is een woordspeling op zuur en de plant zuring. Zij krijgen de Picassokamer. Meneer Zuring blijkt in strook 28 echter erg slecht geslapen te hebben in deze ruimte. Zijn gezicht lijkt als twee druppels water op een Picassoschilderij.
  • De heren Van Avondt en Van Acht zijn een woorspeling op "vanavond" en "vannacht". Ze krijgen de Monetkamer. Claude Monet werd beroemd met zijn schilderijen van nachtelijke landschappen.
  • Barones Gamba de Calamares verwijst naar de visgerechten gamba en calamares. Ze krijgt de Mondriaankamer. Haar jurk heeft ook het patroon van een typisch schilderij van Piet Mondriaan.
  • Jan Dorie is een woordspeling op de krachtterm "jandorie". Hij krijgt de Van Goghkamer en wordt door de receptionist gewaarschuwd "op te letten bij het scheren." Een verwijzing naar het feit dat Van Gogh een stuk van zijn oor afsneed met een scheermes. Een kamermeisje brengt enkele zonnebloemen naar de kamer, een referentie naar Van Goghs beroemde serie schilderijen.
  • De Dikke Dame wordt de Rubenssuite aangeraden. Rubens stond bekend om de vele dikke dames die zijn schilderijen bevolkten.
  • Verboekings naam wordt pas duidelijk wanneer Meneer O. voorstelt om samen een firma op te richten: O-Verboeking (zie: overboeking). Hij krijgt de Da Vincikamer “vol technische snufjes”, een verwijzing naar Leonardo da Vinci's kwaliteiten als uitvinder.
  • In strook 16 noemt de kok zijn wijn “Chateau Mouton Coûte Cher”, een woordspeling op Château Mouton-Rothschild. “Coûte Cher” betekent “is duur”.
  • Een erg kleine man huurt in strook 16 de Henri Toulouse-Lautreckamer. Een verwijzing naar de kleine gestalte van de schilder. Wanneer de kamermeisjes in strook 32 al cancan dansend zijn kamer schoonmaken is dit een verwijzing naar de vele doeken die Toulouse-Lautrec in de Moulin Rouge maakte.
  • Andermans is een woordspeling op “andermans zaken”.
  • Visfabrikant Snotdolf is een woordspeling op de vissoort snotolf.
  • Manet en Monet waren beiden 19e-eeuwse Franse impressionistische schilders.
  • Inspecteur Dupiquet is een woordspeling op het Franse woord voor “de paal”, bedoeld in de context van voetbal. Het zou ook kunnen verwijzen naar soldaten die de wacht moeten houden ("du piquet" zijn).
  • Dow Jones logeert in de Rembrandtsuite, "de enige suite met een permanente nachtwacht". Een knipoogje naar Rembrandts beroemdste werk, De Nachtwacht.
  • Wanneer alle klanten in het hotel last krijgen van diarree zegt Konstantinopel dat: “iedereen last heeft van wat men noemt: verrassende stoelgangfaciliteiten”, een woordspeling op “verrassende studiofaciliteiten”. Meneer O. vraagt hierop Fanny enkele "anti-looppillen" te halen.
  • Loodgieterij Lafitte in strook 61 is een woordspeling op het Franse woord “la fuite” (het lek).
  • Dédé le Paresseux betekent letterlijk vertaald: “Dédé de luiaard”.
  • In strook 62 zien we enkele mensen hengelen onder een bordje met de tekst: "vishandel self service".
  • Fanny verdenkt in strook 75 een man van “trigamie”, een door Merho verzonnen overtreffende trap van bigamie.
Albumuitgaven
Stripreeks Nummer Eerste druk Voorganger Opvolger
De Kiekeboes 44 1988 De spookfirma Een koud kunstje