John Candy

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
John Candy
John Candy in september 1993
John Candy in september 1993
Algemene informatie
Volledige naam John Franklin Candy
Geboren 31 oktober 1950
Overleden 4 maart 1994
Land Canada
(en) IMDb-profiel
Portaal  Portaalicoon   Film

John Franklin Candy (Newmarket, (Canada), 31 oktober 1950 - Victoria de Durango (Mexico), 4 maart 1994) was een Canadese acteur. Candy was een van de leden van het beroemde Canadese Second City komediegezelschap en speelde mee in Amerikaanse filmkomedies als Stripes, Spaceballs en Uncle Buck en meer serieuze rollen in films als Only the Lonely en JFK. Candy overleed in 1994 op zijn drieënveertigste aan een hartaanval.

Jeugd[bewerken]

Candy werd in 1950 geboren in Newmarket, een stadje dat deel uitmaakt van de Greater Toronto Area. Hij groeide in een rooms-katholiek arbeidersgezin en bezocht de Neil McNeil Catholic High School in Toronto. Na zijn middelbare schooltijd ging hij journalistiek studeren aan de Centennial Community College, Toronto en vervolgde zijn opleiding in dezelfde stad aan de McMaster University. Na zijn opleiding koos hij echter voor een carrière als acteur. In Toronto was een afdeling gevestigd van The Second City theater dat bekendstond om zijn vele improvisaties en komische talenten en in 1974 debuteerde Candy daar als cabaretier.

Second City Television[bewerken]

Intussen was hij ook ontdekt door de filmindustrie en in 1973 speelde hij een kleine rol in de film Class of ‘44. In de jaren zeventig speelde hij in verschillende low-budget films als The Silent Partner en in verschillende televisieseries als bijvoorbeeld Police Surgeon. In 1976 werd Candy populair in de VS en Canada als lid van de The Second City, dat nu ook op televisie te zien was als Second City Television (SCTV). Candy bedacht diverse types voor SCTV, zoals de vuilbekkende tv-persoonlijkheid Johnny LaRue, horrorauteur Doctor Tongue, talk-showassistent William B. Williams, en de corrupte burgemeester Tommy Shanks. In de mockumentary The Last Polka speelde hij de litouwse klarinettist Yosh Shmenge. Daarnaasr was hij te zien als de vissende folkzanger Gil Fisher, de ongelukkige, voor kinderen optredende entertainer Mr. Messenger, de corrupte dokter William Wainwright die meespeelt in een soapserie en Giorgy de kossak. Candy beschikte over een komisch talent dat hij aanscherpte tegen pesterijen over zijn lichaam, (hij was ruim 190 cm en woog bijna 136 kilo). Zijn talent voor imitatie kon Candy ook botvieren in SCTV. Hij imiteerde onder andere Divine, Orson Welles, Richard Burton, Luciano Pavarotti, Tom Selleck, Ed Asner, Gertrude Stein en Hervé Villechaize.

Filmacteur[bewerken]

In 1979 nam Candy tijdelijk wat afstand van SCTV en concentreerde zich meer op zijn filmcarrière. Hij kreeg een kleine rol als Amerikaans soldaat in 1941 van Steven Spielberg en was te zien als de goedgemutste rechercheur Burton Mercer in de film The Blues Brothers. Zijn komische talent werd goed uitgebuit in de film Stripes (1981) waar hij recruut Dewey Oxberger speelt naast Bill Muray en Harold Ramis. De laatste castte Candy in de film National Lampoon's Vacation uit 1983. In datzelfde jaar werkte Candy mee aan de beroemde comedyshow Saturday Night Live en keerde hij weer terug naar SCTV. Candy werd door Harold Ramis en Bill Murray benaderd voor de rol van keymaster Louis Tully in Ghostbusters. Hij raakte echter in conflict met Ramis en Murray over de invulling van de rol die uiteindelijk naar Rick Moranis ging. In 1984 kreeg hij wel de rol van de vrouwen versierende broer van Tom Hanks in Splash. Het zou zijn grote doorbraak worden, hoewel hij veel bijrollen bleef spelen, zoals in Spaceballs, Little Shop of Horrors en Follow that Bird, kreeg hij nu belangrijke rollen en zelfs hoofdrollen in films als Volunteers, Planes, Trains and Automobiles, Brewster's Millions, The Great Outdoors, Armed and Dangerous, Who's Harry Crumb?, Summer Rental en Uncle Buck.

Flops[bewerken]

Na de grote successen tussen 1985-1990 begon het tij te keren. Candy kreeg een reeks aan mislukkingen en flops te verwerken. Films als Nothing but Trouble (met een Razzie-nominatie als slechtste actrice(!) in een bijrol), Delirious and Once Upon a Crime scoorden totaal niet in de VS. Enige opstekers waren bijrollen in films als The Rescuers Down Under, en Home Alone (waar hij weer een klarinettist in een polkaorkest speelt). Het gebrek aan succes bracht Candy er toe om zich toe te leggen op meer serieuze rollen. In Only the Lonely speelde hij een politieman die wordt overheerst door zijn moeder en maar niet kan kiezen voor zijn nieuwe vriendin. Veel indruk maakte zijn vertolking van de louche advocaat Dean Andrews Jr. in de film JFK van Oliver Stone. In 1994 ging Candy ook regisseren en maakte zijn regiedebuut met de komedie Hostage for a Day

Dood[bewerken]

In 1994 maakte Candy opnamen voor de film Wagons East! in Durango, Mexico. Hij had een lange dag achter de rug en kreeg blijkbaar diezelfde avond in zijn hotelkamer een zware hartaanval. De film werd afgemaakt, maar bepaalde scènes moesten herschreven worden. Dit om er voor te zorgen dat Candy er niet meer in voorkwam. Ook werd er voor sommige scènes een stand-in gebruikt. Canadian Bacon werd opgenomen tussen juli en september 1993, maar pas in 1995 postuum uitgebracht. Hij werd begraven in Holy Cross Cemetery in Culver City.

De "John Candy Visual Arts Studio" in de Neil McNeil Catholic High School in Toronto werd naar hem genoemd.

Huwelijk[bewerken]

Candy was getrouwd met Rosemary Hobor, en had twee kinderen, Jennifer en Christopher.

Filmografie[bewerken]

Bronnen[bewerken]

  • Tom Shales & James Andrew Miller, Live From New York: An Uncensored History of Saturday Night Live, 2002
  • Martin Knelman Laughing on the Outside: The Life of John Candy

Externe link[bewerken]