Juffrouw

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Juffrouw of mejuffrouw, afgekort als mej., voorheen geschreven als jufvrouw, is een verouderde benaming voor een ongetrouwde vrouw, als tegenhanger van de benaming mevrouw of het Franse madame voor een gehuwde vrouw. In het verleden werd de aanduiding juffrouw ook voor getrouwde vrouwen gebruikt. Dit was dan deftiger dan vrouw maar minder deftig dan mevrouw. Tegenwoordig is het gebruik van 'juffrouw' in onbruik geraakt.

Dagelijks gebruik[bewerken]

Volgens de Nederlandse Taalunie was er een subtiel verschil tussen juffrouw en mejuffrouw [1]. Deze laatste benaming wordt gebruikt in adressen, lijsten en als aanschrijftitel in een brief. In andere situaties en in dagelijks spraakgebruik was juffrouw de gewone vorm.

Thans is (me)juffrouw vrijwel geheel verdwenen. Als gevolg van de emancipatiegedachte is de afkorting 'mw.' ontstaan die in het midden laat of iemand getrouwd of ongetrouwd is. In Angelsaksische landen heeft zich een vergelijkbaar proces voorgedaan. Daar kan men het onderscheid tussen Mrs en Miss vervangen door de neutrale titel Ms.

De uitdrukking juffrouw komt vooral nog voor als aanroeptitel voor een lerares op een basisschool altijd ongeacht de huwelijkse staat. [2]. Ook op sommige middelbare scholen wordt die term door leerlingen nog wel gebruikt. Jongeheer zou misschien als de mannelijke variant van juffrouw beschouwd kunnen worden.

Verbasteringen[bewerken]

Juffrouw kan in het spraakgebruik op meerdere manieren verbasterd aangetroffen worden, als:

  • juffie - ietwat denigrerend gebruikt voor jonge meisjes (alleen gebruikt in Nederland).
  • juf - waarmee de eerder genoemde lerares vaak mee wordt aangesproken, gebruikelijk in zowel Nederland als Vlaanderen. Tegenwoordig vaak in combinatie met de voornaam.

Voetnoten[bewerken]

  1. De vraag Zijn juffrouw en mejuffrouw synoniemen?, beantwoord door de Nederlandse Taalunie, 2005
  2. Tot 1957 was het verboden voor een getrouwde vrouw om als ambtenaar werkzaam te zijn, waardoor vrouwen bij hun trouwen altijd ontslag wachtte en een lesgevende dame op een school dus per definitie een "juffrouw" was.