Laaglandse Molen

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Laaglandse Molen
Laaglandse Molen 2008 met achterwaterloop
Laaglandse Molen 2008 met achterwaterloop
Basisgegevens
Plaats Hellouw
Bouwjaar 1864
Type wipmolen
Vlucht 27,30 m
Functie poldermolen
Bestemming  Het malen op vrijwillige basis
Restauraties  1953, 1967 en 1994
Huidig gebruik  malen in circuit
Monumentnummer  30348
Externe link(s) en afbeelding
Molendatabase
De Hollandsche Molen
Op de borstnaald de initialen van polderbestuurders
Op de borstnaald de initialen van polderbestuurders
Portaal  Portaalicoon   Molens

De Laaglandse Molen of Achterste Molen, oude naam: Het IJzeren veulen, is een in 1864 gebouwde wipmolen ter vervanging van de afgebrande, in 1627 gebouwde molen en staat aan de Zeek 6 in Hellouw. Het is de derde molen op deze plaats. De eerste molen werd door kruiend ijs in 1572 verwoest. In 1994 zijn de voor- en achterwaterloop uitgegraven en hersteld en is er een maalcircuit aangelegd. Daarna kon de molen na vijftig jaar stilstand weer voor het eerst malen. In de buurt van deze molen staat de Hooglandse Molen of Voorste Molen.

Het oudhollandse gevlucht heeft twee verschillende roeden. De binnenroe is een geklonken potroede uit 1899 met nummer 1816 en de buitenroede uit 1983 is een gelaste. Op de buitenroe zitten uitneembare stormborden. Bij de binnenroe is de voorzoom zeer smal en het hekwerk extra breed. De rode zeilen zijn van Copes 64, bestaande uit katoen en kunstvezel behandeld met een coating. De molen wordt gekruid met een kruilier.

Het gesloten, ijzeren scheprad zit buiten de molen, heeft een diameter van ongeveer 6,40 m en een breedte van ongeveer 45 cm. Omdat in circuit gemalen wordt is de wachtdeur niet meer aanwezig.

De molen heeft geen wervel op het spilkalf en kan alleen uit het werk gezet worden door de tap van de koningsspil uit het lager in de ijzerbalk te halen. De staart van de molen is van ijzer, zit in het kalf, onder de middenzomer en hangt aan de achterzomer. De kokerplanken zijn in de kokerstijlen vastgezet met hakkelbouten. De oude kammen in het onderwiel zijn van essenhout en de nieuwe van afzelia. De velg is van eikenhout en niet van iepenhout, omdat het wiel door de lage ligging van de molen in het water kan komen te staan, waar iepenhout niet tegen kan. Daarom is de ondertoren ook niet gedekt met riet. Doordat er een slag in het onderwiel zit zijn niet alle kammen even lang. Het onderwiel heeft een diameter van 6,25 m. en is daarmee het één na grootste van Nederland. Er zitten kruisarmen en spouwarmen in. In plaats van de draagbalk zit er een draagmuur en ligt onder de schaarstijlen een plaatje zink tegen optrekkend vocht.

Op de borstnaald staan de initialen van polderbestuurders van de Hellouwse polder.

De vang is een Vlaamse blokvang met evenaar en is voorzien van een kneppel. De vangbalk hangt in de ezel op een speciale manier (zie fotogalerij).

De overbrenging van bovenas naar wateras is 1,47 : 1.

Eigenaren[bewerken]

  • ... - 1953: Polder Hellouw
  • 1953 - 1974: Polderdistrict Tielerwaard
  • 1974 - heden: Molenstichting Gelders Rivierengebied

Fotogalerij[bewerken]