Lampje (boek)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Lampje
Oorspronkelijke titel Lampje
Auteur(s) A. Schaap
Land Nederland
Taal Nederlands
Oorspronkelijke taal Nederlands
Genre jeugdliteratuur
Uitgever Em. Querido's Kinderboeken
Uitgegeven 2017
Medium Boek
Pagina's 324 (gebonden)
ISBN-code 9789045120379
Portaal  Portaalicoon   Literatuur

Lampje is een kinderboek geschreven door Annet Schaap. Het is verschenen in 2016.

De schrijfster kreeg voor dit boek verschillende prijzen. Op 2 oktober 2018 kreeg zij de Gouden Griffel voor dit boek, waarmee alle belangrijke prijzen die zij ermee had kunnen winnen ook naar haar toegingen.

Het verhaal[bewerken]

Leeswaarschuwing: Onderstaande tekst bevat details over de inhoud en/of de afloop van het verhaal.

Lampje is de dochter van de vuurtorenwachter. Ze heet eigenlijk Emilia, maar omdat haar moeder ook zo heet, noemt haar vader haar Lampje. Haar moeder is gestorven aan een ziekte. Iedere dag moet ze de vuurtoren beklimmen en het licht aansteken, omdat haar vader maar één been heeft. Hij heeft ook veel schulden, omdat hij veel drinkt. Op een stormachtige dag heeft ze vergeten lucifers te kopen. Nadat de gekochte lucifers per ongeluk in de zee vallen, wordt Lampje meegesleurd naar de vuurtoren. Op die dag botst er dan ook een schip tegen het land. De vuurtorenwachter krijgt de schuld en wordt opgesloten in de vuurtoren. Lampje moet zeven jaar werken in het Zwarte Huis van de Admiraal om zijn schulden af te lossen.

Mensen zeggen dat daar een monster woont. Dat monster is de zoon van de Admiraal, half zeemeermin, half mens met een staart. Hij heet Edward en zit opgesloten in het torenkamertje. Niemand durft hem eten te geven sinds zijn vriend dood is, omdat hij dan per ongeluk die mensen bijt. Wanneer Lampje naar het torenkamertje komt om haar vader te zien, ontdekt ze hem. Hij is heel zwak en gaat bijna dood. Lampje verzorgt hem en geeft hem eten en ze worden vrienden. Hij leert haar ook lezen en schrijven.

Van de Admiraal moet Edward steeds zware oefeningen doen om goed te kunnen lopen en hij mag niet meer dan honderdvijfendertig seconden in bad. Hij mag ook niet kopje-onder.

Een tijdje later is er kermis. Daar ziet Lampje een tent met bijzondere mensen waar ze ook een zeemeermin ziet. Ze wordt vrienden met de mensen daar. Ze neemt Edward mee naar de zeemeermin en die blijkt zijn tante te zijn. Maar de eigenaar van de tent neemt Edward gevangen en Edward komt in het water bij het ontsnappen. Hij kan dan opeens heel makkelijk zwemmen. Weer thuis gaat hij zwemmen in de vijver.

Dan komt de Admiraal thuis. Het schip dat verging aan het begin van dit verhaal blijkt van de Admiraal te zijn. Hij is ook woedend als hij ziet dat Edward in het water is. Hij wil hem verkopen aan de man van de tent. Lampje schrijft een brief aan haar vader dat ze hem wil ontmoeten bij de rots. Lampje en Edward lopen daarna weg met een bootje. Lampje roeit hard weg. Maar dan komt er een storm. Het bootje gaat stuk, Lampje verdrinkt, maar Edward trekt haar mee naar het land. Wanneer Lampje wakker wordt, ziet ze de piraten die ze vroeger heeft gekend. Haar vader is er ook bij. Ze hebben haar gevonden. Lampje gaat vanaf nu meevaren op het schip.

Externe links[bewerken]