Legitimatiebewijs

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Een legitimatiebewijs is een document waarmee iemand kan aantonen dat hij ergens terecht aanspraak op maakt. Een legitimatiebewijs zegt dus wat je bent. Met een pinpas legitimeert iemand zich bij de betaalautomaat als de houder van een rekening. Een OV-chipkaart zegt dat iemand houder is van een geldig reisrecht. Met een bibliotheekpas kan iemand aantonen is dat hij de houder is van een bibliotheekabonnement.

Een legitimatiebewijs bevat vaak een foto, de naam van de houder, de naam van de instantie die het legitimatiebewijs heeft uitgevaardigd en een (beknopte) omschrijving van hetgeen waarop iemand aanspraak kan maken. Soms bevat het tevens de geboortedatum en geslacht van de houder.

Anders dan identiteitsbewijs[bewerken]

Anders dan in populair taalgebruik zit er dus in juridisch opzicht een wezenlijk verschil tussen een legitimatiebewijs en een identiteitsbewijs. Een identiteisbewijs zegt namelijk niet wat je bent of waar je aanspraak op hebt, maar wie je bent (persoonsgegevens en persoonskenmerken).

Legitimatie door toezichts- en opsporingsabmtenaren[bewerken]

Ambtenaren die belast zijn met toezicht of opsporings dragen verplicht een legitimatiebewijs. Zo moet een politieambtenaar zich desgevraagd legitimeren. Treedt de politieambtenaar op in burgerkleding, dan moet hij zich zelfs terstond en ongevraagd legitimeren als hij van zijn bevoegdheid gebruikmaakt. Bijvoorbeeld als hij een aanwijzing geeft aan een weggebruiker. Bezwaar is daarbij dat de burger meestal niet weet hoe zo'n legitimatiebewijs eruit ziet, zodat hij niet kan controleren of het document echt is.

Collectanten moeten zich ook kunnen legitimeren. Hierbij geldt hetzelfde probleem als bij politieambtenaren.