Marcel Dupré

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Marcel Dupré

Marcel Dupré (Rouen, 3 mei 1886 - Meudon, 30 mei 1971) was een Frans componist annex organist die veel voor orgel geschreven heeft.

Hij studeerde allereerst op zeer jonge leeftijd orgel bij zijn vader, later aan het conservatorium van Parijs bij Alexandre Guilmant en Louis Vierne orgel, bij Charles-Marie Widor compositie en bij Louis Diémer piano.

De eerste orgellessen kreeg Dupré van zijn vader, die organist was van de Saint-Ouen kathedraal in Rouen. Binnen vijf jaar vorderde zijn spel zodanig dat hij als 12-jarige zijn eerste aanstelling kreeg als organist van de parochiekerk Saint-Vivien in Rouen. Vanaf dat moment wordt Dupré leerling van Alexandre Guilmant in Parijs. Al zijn studies aan het Parijse conservatorium (1902-1914) sluit Dupré af met het behalen van de eerste prijs, met als kroon op het werk de prestigieuze Prix de Rome voor zijn cantate 'Psyché' uit 1914. In 1906 werd Dupré assistent van Widor in de grote Parijse parochiekerk Saint-Sulpice waar hij hem opvolgde in 1934 als organist. Hij was toen ook al orgelleraar aan het Parijse conservatorium. Van dit instituut werd hij in 1953 voor enkele jaren de directeur.

Vanaf de jaren twintig krijgt Dupré bekendheid als concertorganist. Hij geeft recitals met orgelwerken van Bach en maakt concertreizen naar Engeland en Amerika. Zijn grote reputatie als orgelimprovisator wordt gevestigd als hij tijdens één van zijn New Yorkse concerten een complete symphonie (zijn later uitgeschreven Symphonie-Passion) improviseert. Dupré pleegde alle werken die hij tijdens concerten vertolkte uit het hoofd voor te dragen. In 1926 wordt Dupré uitgenodigd om aan het Parijse conservatorium orgelles te komen geven. Deze aanstelling houdt hij tot 1954. Als pedagoog blijft Dupré de tradities van Widor, Guilmant en van de in Frankrijk ooit invloedrijke Belgische organist en orgelpedagoog Jacques-Nicolas Lemmens trouw, die hij verder tot een eigen orgelmethode (Méthode d'orgue, 1927) uitbouwt. Naast zijn toegenomen verplichtingen blijft hij actief als concertorganist. In 1939 maakt hij een wereldtournee. In 1953 geeft hij zijn 1900ste concert.

Als componist van orgelwerken zette Dupré enerzijds de 19de-eeuwse traditie van Guilmant en Widor voort, die werd gekenmerkt door een sterk orkestrale techniek, maar oefende anderzijds invloed uit op de componist Olivier Messiaen, die zijn leerling was. Andere bekende orgelleerlingen van hem waren Jehan Alain, Jeanne Demessieux, Marie-Claire Alain en Olivier Messiaen. Veel van zijn composities zijn voortgekomen uit improvisaties waarin sterke vormbeheersing ('architectuur') leidend blijkt.

Naast (veel) werk voor orgel componeerde Dupré pianomuziek, kamermuziek, werken voor koor meestal met orgelbegeleiding als ook schreef hij orkestmuziek. Als tekstbezorger van orgelwerken van o.a. Johann Sebastian Bach richtte hij de betreffende muziek in voor vertolkingen op de eigensoortige Franse romantisch- symfonisch geaarde orgels van Aristide Cavaillé-Coll. Ook maakte hij bewerkingen van composities van zichzelf en van anderen voor het symfonieorkest. Dupré's orkestratie van het Premier Choral voor orgel van César Franck geldt als een van de beste voorbeelden hiervan.

Dupré stierf op Pinksteren 1971 in de middag in zijn woning te Meudon, na 's ochtends in de Saint-Sulpice tijdens het ochtendofficie te hebben gespeeld.