Nederlandse regering tijdens de Franse tijd

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Nederlandse regering tijdens de Franse tijd
Kabinet in Nederland Vlag van Nederland
Premier Napoleon Bonaparte
Start 9 juli 1810
Eind 30 november 1813
Voorganger Regering onder Lodewijk Napoleon
Opvolger Regering onder soeverein vorst Willem
Nederlandse regering
Portaal  Portaalicoon   Politiek

Op 9 juli 1810 werd het Koninkrijk Holland ingelijfd bij het Eerste Franse Keizerrijk, met aan het hoofd keizer Napoleon. In de Nederlanden kwam een Franse Gouverneur-Generaal.

De inlijving leidde tot invoering van nieuwe wetboeken: de Code Pénal (het Wetboek van Strafrecht), de Code Civil (Burgerlijk Wetboek) en de Code de Commerce (Wetboek van Koophandel). De rechterlijke organisatie werd sterk verbeterd. Verder kwam er een burgerlijke stand (en een burgerlijk huwelijk). Door de Mijnwet van 1810 werden delfstoffen tot gemeenschapsbezit verklaard. Een Dijkwet zorgde voor beter onderhoud van de dijken.

Er werden aan het land ook allerlei financiële en economische lasten opgelegd en bovendien werd in 1811 de algemene dienstplicht ingesteld. Dienstplichtigen konden zich tegen betaling laten vervangen door een plaatsvervanger (remplaçant). Fransen militairen zorgden dat er via zee geen handel meer wordt gedreven (het Continentale Stelsel). De financiële plichten werden opgelegd vanwege de oorlogen die Frankrijk voerde, zoals in 1812 tegen Rusland.

Door dit alles nam de ontevredenheid toe, terwijl ook de economie er weinig florissant voorstond. De strenge handhaving van het Continentaal stelsel had de zeeprovincies beroofd van alle handel, en de koloniën waren in Britse handen gekomen. De landprovincies daarentegen hadden enig voordeel door meer vraag naar hun landbouwproducten en door de teelt van surrogaatproducten als suikerbieten.

Na de Franse nederlaag in de Slag bij Leipzig van oktober 1813 trokken de Franse troepen zich ook terug uit Nederland. Bij de Franse nederlagen zijn vele Nederlandse soldaten omgekomen. In Amsterdam ontstonden relletjes en worden douanehuisjes in brand gestoken.

Op 20 november werd het herstel van de vrijheid uitgeroepen door een Voorlopig Bewind van Van Hogendorp en Van der Duyn van Maasdam. Erfprins Willem keerde op 30 november 1813 terug in het land. Hij werd uitgeroepen tot Soeverein Vorst en beloofde dat er een Grondwet zou komen.

Bestuur[1][bewerken]

9 juli 1810 - 31 december 1810[bewerken]

1 januari 1811 - 20 november 1813[bewerken]

Zie ook[bewerken]