Nomen est omen

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Nomen est omen is een Latijnse uitdrukking met de betekenis: de naam is een voorteken (omen).

De Romeinen waren van mening dat iemands naam iets zei over zijn lot. De uitspraak is afkomstig uit een toneelstuk van de komediedichter Plautus, waarin iemand het advies krijgt op de slavenmarkt het meisje Lucris 'lucratief' te kopen, met als argument dat alleen al haar naam en de voorbetekenis ervan de prijs waard zijn. Strikt genomen verwijst de term dus niet naar families wiens naam in de 18e eeuw is ontstaan uit hun beroep, maar naar mensen wier levensloop toevalligerwijs goed past bij hun naam waaronder ze geboren zijn. In de laatste heerst uiteraard wel een spanningsveld; als je als "de Boer" wordt geboren in een boerenfamilie kun je je afvragen of het de familieachtergrond, de naam, of beide iets zeggen over het beroep dat je uiteindelijk uitoefent.

Hoewel het geloof hierin tegenwoordig afgenomen is, wordt de uitdrukking nog wel gebruikt als men iemand ontmoet waarvan de naam iets te maken lijkt te hebben met het beroep dat iemand uitoefent. Ook het geven van een "goede naam" aan een kind wijst nog naar de oude opvatting. Bij het geven van straat - en plaatsnamen is het een veel voorkomend gebruik, zoals bijvoorbeeld de Haarlemmerdijk, Haarlemmerstraat en Haarlemmerweg in Amsterdam in de richting van Haarlem lopen, met als breekpunt halverwege deze historische route, het dorpje Halfweg.

Literatuur[bewerken]

Voorbeelden[bewerken]

  • Willem Metzelaar (1849 - 1918), Nederlands architect die verantwoordelijk was voor de bouw van justitiële inrichtingen.
  • Sabine Uitslag (1973), Voorzitter van de Nederlandse Vereniging van Huidtherapeuten.
  • Rijkman Groenink (1949), Nederlands bankier.

Zie ook[bewerken]