Oorspeekselklier

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Oorspeekselklier
Glandula parotis
Speekselklieren: 1: Oorspeekselklier, 2: Onderkaakspeekselklier, 3: Ondertongspeekselklier
Speekselklieren: 1: Oorspeekselklier,
2: Onderkaakspeekselklier,
3: Ondertongspeekselklier
Naslagwerken
MeSH A03.556.500.760
Dorlands/Elsevier g_06/12391916
Portaal  Portaalicoon   Biologie

De oorspeekselklier[1][2] of glandula parotis[3] is een exocriene klier die speeksel produceert en naar de mondholte afscheidt. De beide oorspeekselklieren bevinden zich aan beide zijden vlak naast het oor. Binnen deze klier ontspringen verschillende eindtakken van de nervus facialis die de gelaatsspieren bedienen.

Ontsteking van de oorspeekselklier wordt parotitis genoemd. De meest voorkomende oorzaak van parotitis is de bof.

De embryologische oorsprong van de parotisklier is Ectodermaal en produceert een eerder waterig, sereus, vocht. De andere speekselklieren (submandibularis en sublingualis) zijn van endodermale oorsprong en scheiden een eerder Muceus of seromuceus vocht af.

Literatuurverwijzingen[bewerken]

  1. Pinkhof, H. (1923). Vertalend en verklarend woordenboek van uitheemsche geneeskundige termen. Haarlem: De Erven F. Bohn.
  2. Schuurmans Stekhoven, W. (1932). Nolst Trénité’s nieuw verpleegsters zakwoordenboekje (9de druk). Amsterdam: J.M. Meulenhoff.
  3. His, W. (1895). Die anatomische Nomenclatur. Nomina Anatomica. Der von der Anatomischen Gesellschaft auf ihrer IX. Versammlung in Basel angenommenen Namen. Leipzig: Verlag Veit & Comp.