Otto I van Bourgondië

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Otto I van Bourgondië
1167/1171-1200
Othon Ier de Bourgogne.jpg
Graaf van Bourgondië
Periode 1190-1200
Voorganger Frederik I Barbarossa
Opvolger Johanna I
Graaf van Luxemburg
Periode 1196-1197
Voorganger Hendrik IV
Opvolger Ermesinde en Theobald
Vader Keizer Frederik I Barbarossa
Moeder Beatrix I van Bourgondië

Otto I van Bourgondië (circa 1167/1171 - Besançon, 13 januari 1200) was van 1190 tot aan zijn dood graaf van Bourgondië en van 1196 tot 1197 graaf van Luxemburg. Hij behoorde tot het huis Hohenstaufen.

Levensloop[bewerken]

Hij was de vierde zoon van keizer Frederik I Barbarossa van het Heilige Roomse Rijk en gravin Beatrix I van Bourgondië.

Na de dood van zijn vader in 1190 erfde Otto I het vrijgraafschap Bourgondië. Dit veroorzaakte echter conflicten, omdat de heersers van Auxonne en Mâcon, die verwant waren aan zijn moeder, ook het vrijgraafschap opeisten. Ook kwam hij om andere redenen in conflict met de graven van Montbéliard, hertog Odo III van Bourgondië en hertog Berthold V van Zähringen. De conflicten liepen echter uit de hand. Zo vermoordde Otto I tijdens onderhandelingen in 1195 eigenhandig met graaf Amadeus van Montbéliard. Vervolgens liet hij in 1197 graaf Ulrich van Ferrette vermoorden en in 1198 liet hij ook een broer van bisschop van Straatsburg Koenraad II van Huneburg executeren.

Toen graaf Hendrik IV van Luxemburg in 1196 overleed zonder mannelijke erfgenamen, kwam het graafschap Luxemburg automatisch in handen van Otto's broer, keizer Hendrik VI. Hendrik VI schonk het graafschap vervolgens in leen aan Otto I. Hendrik IV van Luxemburg had echter een dochter Ermesinde, die gehuwd was met graaf Theobald I van Bar. In 1197 sloten Theobald en Otto een akkoord, waarbij Theobald het graafschap Luxemburg kreeg.

De regionale conflicten waarin Otto I betrokken was, betekenden echter een ernstige dreiging voor de machtspolitiek van het huis Hohenstaufen. Zo werd zijn jongere broer Filips van Zwaben, die na de dood van Hendrik VI in 1198 tot Rooms-Duits koning was verkozen, in deze functie bestreden door hertog Otto van Brunswijk. Filips zelf probeerde ook om de conflicten van zijn broer te helpen oplossen, maar in 1200 werd Otto I in Besançon door zijn politieke tegenstanders vermoord.

Otto I werd begraven in de Sint-Stefanuskathedraal van Besançon. Hij werd opgevolgd door zijn dochter Johanna I, die wegens haar minderjarigheid onder het regentschap kwam van haar moeder Margaretha van Blois.

Huwelijk en nakomelingen[bewerken]

In 1192 huwde hij met Margaretha van Blois, dochter van graaf Theobald V van Blois. Ze kregen twee dochters: