Plazas de soberanía

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
De Plazas de Soberanía en Isla de Alborán

De Plazas de soberanía (d.i. soevereine plaatsen) zijn een aantal Spaanse exclaves aan of voor de Marokkaanse kust. Ze bestaan uit de Plazas mayores (grote plaatsen), twee vestingsteden met elk ongeveer 70.000 inwoners, en de Plazas menores (kleine plaatsen), een aantal kleine eilandjes die alleen bevolkt worden door Spaanse soldaten. Geografisch behoren deze gebieden tot het Afrikaanse continent. De Plazas de soberanía zijn betwiste grondgebieden en worden door Marokko opgeëist.

Vlag Regio Vertaling Opp. (km²) Inw. Spaans sinds Opmerking
Flag of Spain.svg Isla Perejil (Djazirat Tura) Peterselie-eiland 0,15 Onbewoond 1640 In jullie 2002 vond er een incident plaats met Spanje.
Flag of Spain.svg Peñón de Vélez de la Gomera (Djazirat Ghomara) Rots van Vélez van de Ghomara 1.9 Onbewoond 1508 Het was ooit een eiland, maar het is nu door een zandstrook van 85 meter met Marokko verbonden.
Flag of Spain.svg Peñón de Alhucemas (Sakhrat Al Hoceima) Rots van Al Hoceima 0,046 350 1559 De rots wordt volledig door een fort, verschillende huizen en een kerk ingenomen.
Flag of Spain.svg Islas Chafarinas (Djuzur 'iishfarin) Dieven eilanden 0,52 200 1848 In de antieke oudheid werden de eilanden aangeduid als Tres Insulæ (drie eilanden).
Flag of Spain.svg Isla de Alborán (Djazirat Alburan) Eiland van Alborán 0,07 21 1540 Het eiland wordt door de Spaanse regering als natuurgebied beschermd.
Flag of Spain.svg Islote de la Nube (Djazirat Sahhaba) Wolken eilandje ? Onbewoond 1540 Het eiland wordt door de Spaanse regering als natuurgebied beschermd.
Flag Ceuta.svg Ceuta (Sebta) ? 19 85.144 1668 In de exclave ligt ook het dorp Benzú
Flag of Melilla.svg Melilla (Melillia) Wit 13 86.384 1497 Melilla is een vrijhaven sinds 1863

De Plazas de soberanía vallen onder rechtstreeks bestuur van de centrale regering in Madrid, maar Ceuta en Melilla zijn autonome steden, met een ruime mate aan zelfbestuur, zij het minder dan de 17 autonome regio's van Spanje. Alborán behoort tot de gemeente Almería (Andalusië).

Geschiedenis[bewerken]

Tijdens de Reconquista en vooral in de verovering van Granada in 1492, trokken de Spaanse en Portugese kruisvaarders talloze posten in Noord-Afrika aan voor de handel en de verdediging tegen piraterij.

In 1848 veroverden de Spaanse troepen de Islas Chafarinas. In de late 19de eeuw, na de zogenaamde Scramble for Africa, hadden Europese landen de koloniale controle over het grootste deel van het Afrikaanse continent overgenomen. Het Verdrag van Fez (ondertekend op 30 maart 1912) maakte het grootste deel van Marokko een protectoraat van Frankrijk, terwijl Spanje de rol van de macht over het noordelijke deel, Spaans Marokko, heeft aangenomen.

Toen Spanje zijn protectoraat ontbrak en in 1956 de onafhankelijkheid van Marokko erkende, gaf het deze kleine gebieden niet op. Spanje had ze goed gehouden voor de oprichting van zijn protectoraat.

Marokko beschouwt ze als bezet Marokkaans grondgebied. Voor de Spaanse regering is het behoud van deze gebieden echter een principekwestie, daar de Britten nog steeds Gibraltar in handen hebben en men op deze manier toch enige strategische controle over de Straat van Gibraltar wil.

In juli 2002 vond een geschil rond Isla Perejil plaats dat bijna tot een gewapend treffen leidde. Op 11 juli 2002 landden twaalf Marokkaanse soldaten op het eilandje, volgens Marokko ter bestrijding van illegale migratie, die ook voor Spanje een grote ergernis vormde. De soldaten hesen echter de Marokkaanse vlag en richtten een tijdelijk onderkomen in. Bovendien werden officieren van de Guardia Civil die poolshoogte kwamen nemen onder dreiging met geweren gedwongen te vertrekken. De Marokkaanse soldaten werden vervangen door zes marinekadetten, waarschijnlijk om Spanje niet te veel te prikkelen.

Spanje reageerde echter met Operatie Romeo-Sierra: op 18 juli werd het eilandje met veel machtsvertoon van landmacht (speciale eenheden), luchtmacht en marine heroverd. De Marokkaanse cadetten werden gevangengenomen en in Ceuta over de grens gezet. Spanje stationeerde soldaten van het Spaanse Legioen op het eilandje, maar trok zich na bemiddeling van de Verenigde Staten terug. Sindsdien is Isla Perejil weer onbewoond en leeg, hoewel Spanje en Marokko er nog steeds beiden aanspraak op maken.

Zie ook[bewerken]