Echte suikerbos

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
(Doorverwezen vanaf Protea repens)
Naar navigatie springen Jump to search
Echte suikerbos
IUCN-status: Niet geëvalueerd
Protea repens in Kirstenbosch
Protea repens in Kirstenbosch
Taxonomische indeling
Rijk:Plantae (Planten)
Stam:Embryophyta (Landplanten)
Klasse:Spermatopsida (Zaadplanten)
Clade:Bedektzadigen
Clade:'nieuwe' Tweezaadlobbigen
Orde:Proteales
Familie:Proteaceae
Geslacht:Protea
Soort
Protea repens
L.
Afbeeldingen Echte suikerbos op Wikimedia Commons Wikimedia Commons
Echte suikerbos op Wikispecies Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie

De echte suikerbos (Protea repens) is een van de bekendste suikerbossoorten van de provincie West-Kaap van Zuid-Afrika.

Een suikerbosstruik bij Kaapstad

Boerhave heeft er in 1720 al een illustratie en beschrijving van gemaakt en hoewel de plant een struik kan worden tot 2,5 of zelfs 4,5 m hoog, gaf Linnaeus er de naam repens aan omdat hij uit deze afbeelding opmaakte dat het een kruipend plant met korte stam zou zijn. Deze prachtige plant kwam al in 1780 tot bloei in Kew Gardens[1] en wordt sindsdien op veel plaatsen in de wereld gekweekt. Op de Zuid-Afrikaanse Rode Lijst is de plant opgenomen in de categorie minste zorg.

De struik heeft onbehaarde smalle tot lepelvormige bladeren. De lengte varieert van 5-15 cm. De bloemen hebben een nauwe kopvorm en meten 10-16 cm in de lengte en 7-9 in de breedte. Gebroken witte tot rode kransvormige schutbladen (het involucrum) zijn bedekt met een kleverige substantie.[2] De plant komt voor in het zuiden en westen van de West-Kaap en een aansluitend deel van de Oost-Kaap, van het Bokkeveld in het westen tot voorbij Grahamstad in het oosten. De bloemen produceren veel nectar die in de 19e eeuw verzameld werd om er een hoestsiroop van te maken.[3] De plant wordt veel gecultiveerd als snijbloem en er zijn ook dieprode variëteiten gekweekt.[4]

De bestuiving gebeurt zowel door bezoekende insecten als door vogels. De Kaapse suikervogel bezoekt graag de grote bloemen, waar de vogel vrijwel geheel in verdwijnt op zoek naar de nectar. Daarbij krijgt zijn verenkleed een goede bedekking met stuifmeel.[5]

Zoals bij veel soorten van het fynbos speelt vuur een belangrijke rol in de levenscyclus van deze plant. De zaden van deze protea ontkiemen naar verhouding langzaam. Gemiddeld duurt het ongeveer 80 dagen na planting tot het ontspruit. Voor P. neriifolia en P. nitida is dit slechts 40-42 dagen.[6]