Rijtijdenbesluit

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Het rijtijdenbesluit is de gebruikelijke benaming voor de wetgeving, die de werkuren van onder meer buschauffeurs en vrachtwagenchauffeurs regelt.

De regeling heet in Nederland formeel het Arbeidstijdenbesluit Vervoer en is gebaseerd op de Arbeidstijdenwet van 23 november 1995, die regels geeft voor de arbeids- en rusttijden van werknemers. Hoofdstuk 2 van het Arbeidstijdenbesluit is specifiek geschreven voor het wegvervoer en geldt zowel voor het binnenlandse als voor het internationale vervoer.

In België wordt dit de wetgeving op de rij- en rusttijden genoemd. Naleving wordt onder andere gecontroleerd door de ambtenaren van de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer (FOD MV), de Politie en ambtenaren van de sociale inspectie.

Aan de grondslag van deze regelingen ligt een Europese wetgeving op het wegvervoer, namelijk: EEG verordening 3820/85 - 3821/85 - 88/559 en EG verordening 2135/98. Met ingang van 11 april 2007 wordt de verordening 3820/85 opgeheven en geldt de Verordening (EG) nr. 561/2006 van het Europees Parlement en de raad van 15 maart 2006. Deze verordening is in het leven geroepen om de verkeersveiligheid in Europa te bevorderen. Vermoeidheid van de chauffeur speelt een belangrijke rol in het ontstaan van veel ernstige verkeersongelukken.

De tachograaf wordt gebruikt bij de controle van de rijtijden.

Rijtijdenbesluit[bewerken]

Binnen het arbeidstijden besluit bestaan 2 regelingen m.b.t. tot de dagelijkse rust:

  • Voor de 'standaardregeling' geldt dat per periode van 24 uur een dagelijkse rust moet worden genoten van 11 aaneengesloten uren;
  • Binnen de 'overlegregeling' is vastgesteld dat 3 keer per week de dagelijkse rust mag worden ingekort. Er moet dan minimaal 9 aaneengesloten uren gerust worden. De rest van de rijdagen dient u 11 uur rust aaneengesloten te maken.

Voor een dubbelbemand voertuig is bepaald dat beide chauffeurs per periode van 30 uur minimaal 9 aaneengesloten uren moeten rusten (stilstaand voertuig).

Wekelijkse rusttijd[bewerken]

Eenmaal per week, uiterlijk na 6 dagelijkse rijdagen moet een lange rusttijd worden genoten. De wekelijkse rusttijd moet minimaal 45 aaneengesloten uren bedragen. Als het nodig is mag de wekelijkse rusttijd worden ingekort tot:

  • 24 aaneengesloten uren de minder gemaakte uren dienen te worden gecompenseerd boven op de normale weekrust of gecombineerd met een dagelijkse rust.

Alle rusturen minder dan 45 uur moeten echter voor einde van de derde week gecompenseerd zijn.

2 wekelijkse rusttijd[bewerken]

Per 2 weken moet er minimaal 228 uur gerust worden (dagelijkse rust + wekelijkse rust + compensatie + extra rust).

Rijtijd[bewerken]

Dan is er nog de tijd die de chauffeur daadwerkelijk achter het stuur zit:

  • Rijtijd zonder onderbreking: maximaal 4.5 uur.
    Hierna dient minimaal 45 minuten te worden gerust. Eventueel mag deze rustperiode ook in 2 delen worden genoten, waarbij de eerste 15 minuten en de tweede 30 minuten duurt.

Dagelijkse rust dient minimaal 9 uur aaneengesloten te zijn (3 keer per week) en 11 uur (2 keer per week) Als er een aaneengesloten pauze van 3 uur is geweest, mag er een dagelijkse rust van 9 uur gemaakt worden, die telt voor een rust van 11 uur

  • Maximale dagelijkse rijtijd: 9 uur ( 2 keer per week 11 uur)
  • Rijtijd per week: 49 uur (3 × 9 + 2 × 11)
  • Rijtijd per 2 weken: mag nooit meer zijn dan 90 uur