Royal Theater

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Royal Theater
BioscoopRoyal1.JPG
Opgericht door Max van Bergen
Opening 29 januari 1938
Adres Stationsplein 5
Heerlen
Aantal zalen 3
Totale capaciteit 900
Ontworpen door Frits Peutz
Website
Portaal  Portaalicoon   Film

Het Royal Theater is een voormalige bioscoop in Heerlen.

De bioscoop is gelegen aan de overkant van het treinstation. Het eivormige gebouw dateert uit 1938. Het is ontworpen door Frits Peutz en J. Bongaerts. De gebouwen achter het Royal zijn later gebouwd. Hieronder ook een ander gebouw van Peutz, de Rivoli uit 1958.

Oorspronkelijk telde de Royal-zaal 1180 zitplaatsen. Dit is later gereduceerd tot 743 om meer beenruimte te creëren. Sinds medio 2010 is, na een grondige renovatie, het totale aantal stoelen teruggebracht tot 672 (409 in Royal, 188 in Rivoli, 75 in Maxim).

Geschiedenis[bewerken]

Beginjaren[bewerken]

In 1903 besloot Laurentius van Bergen om een reizende bioscoop te beginnen naast zijn bestaande kermisattracties. 20 jaar later droeg hij het bedrijf over aan zijn zonen Alexander, Max en Mathieu. De zonen zagen meer brood in de bioscoopactiviteiten dan de kermisattracties. In 1932 bouwden zij hun eerste bioscoop in Roermond, een groot succes. Heerlen was in die tijd een stad in opkomst vanwege de mijnen en leek een goede plaats voor een nieuwe bioscoop. Er waren al meerdere bioscopen in Heerlen (Stadschouwburg, Hollandia, en Universal), maar die behoorden tot dezelfde eigenaar, de Verenigde Bioscoop-Theaters te Heerlen-Hoensbroek, een bedrijf van Erwin Hirschberg en zijn broer Curt. De Nederlandse Bioscoopbond liet de bouw van een nieuwe bioscoop toe.

Max van Bergen gaf Frits Peutz de opdracht om een bioscoop te ontwerpen. De bouw van het Royal Theater wordt in 1937 begonnen en in minder dan 100 dagen wordt het gebouw opgetrokken uit het door Peutz zo geliefde beton en glas. Het theater wordt geopend op 29 januari 1938 met de openingsfilm Mutterlied van Duits/Italiaanse productie. Bij de opening overklaste de Royal meteen het twee weken daarvoor geopende Hollandia Theater, dat was gerenoveerd.

Tweede Wereldoorlog[bewerken]

Gedurende de Tweede Wereldoorlog blijft de Royal redelijk goed lopen, ondanks de regelmatige boetes die de eigenaar krijgt voor het niet vertonen van propagandafilms, het draaien van verboden zaalmuziek en belediging van NSB'ers.

Het verzet gebruikt de kelders van de bioscoop als opslagruimte van wapens en in de kleedkamers houdt men geallieerde piloten verborgen. Op 11 juni 1942 is de met hakenkruisen versierde Royal het toneel voor een nazi-bijeenkomst waar Seyss-Inquart en Mussert een voordracht houden.

Na de bevrijding op 17 september 1944 wordt de Royal gebruikt door de Amerikanen. Heerlen is in de periode van eind september 1944 tot augustus 1945 'Restcentre', een rustplaats waar Amerikaanse soldaten van het front een paar dagen vertier mogen zoeken en uitrusten. ’s Nachts wordt de theaterzaal gebruikt voor verhoor van krijgsgevangenen en overdag en ’s avonds vinden er grote shows plaats met beroemde artiesten als Marlene Dietrich en Bob Hope.

Na de oorlog[bewerken]

Als in 1945 ook de rest van Nederland bevrijd wordt, keert Royal terug naar het leven van alledag. In 1948 openen de gebroeders Van Bergen een derde Royal Theater in Weert. Ze bezitten dan vier bioscopen (sinds oktober 1940 ook de Scala bioscoop in Heerlen). Max van Bergen neemt de leiding over de twee Heerlense bioscopen. Max’ zoon Laurentius (Lou) werkt al op vroege leeftijd mee in het bedrijf en neemt gaandeweg meer taken over van zijn vader. In de naoorlogse jaren vinden veel vernieuwingen plaats, vooral op technisch gebied. In 1958 wordt het theater verbouwd, de kleedkamers van Royal verdwijnen en de tweede theaterzaal wordt gebouwd.

Op 1 september 1973 stopt Lou van Bergen met de exploitatie van Royal, Rivoli en Scala. De magere jaren en de opkomst van de seksfilm hebben de Van Bergens doen besluiten dat er geen brood meer zit in de bioscoopbranche. Scala sluit voorgoed en Royal en Rivoli worden verhuurd aan Tuschinski. Het wordt er niet beter van en in 1984 neemt de familie het bedrijf weer in eigen handen. In 1986 wordt nog een derde zaal aangebouwd met 75 zitplaatsen. De zaal wordt Maxim gedoopt, als eerbetoon aan Max van Bergen.

Als rond 2003 de bioscoopbezoeken in Nederland opnieuw beginnen te dalen besluit Royal een nieuwe koers te varen. De theaterfunctie moet weer terugkomen en er wordt geëxperimenteerd met muziek en theater. De formule lijkt succesvol, mede dankzij de langdurige sluiting van de Stadsschouwburg voor een ingrijpende verbouwing. Vanaf eind 2004 is Royal naast bioscoop blijvend actief met speciale evenementen.

Digitalisering en uitbreiding[bewerken]

In februari 2009 begon Royal Theaters met digitale 3D-voorstellingen. Als eerste bioscoop in Nederland bood Royal digitale en 3D-projectie in alle zalen. In juli 2009 werd bekend dat de gemeente Heerlen het gebouw over zou kopen en grondig zou renoveren; met de zittende ondernemer wordt een terughuurperiode van vijf jaar overeengekomen. Ongeveer gelijktijdig werd begonnen met een ingrijpende renovatie van de zalen en interieurs. Royal, Rivoli en Maxim kregen nieuwe, grotere filmdoeken, nieuwe geluidsinstallaties en nieuwe projectoren. De balkons werden verbouwd en het aantal zitplaatsen werd verder teruggebracht om meer (been)ruimte te bieden. De renovatie van de zalen en foyers duurde tot juli 2010.

Op 1 juli 2011 kocht Royal-exploitant Laurens van Bergen het concurrerende H5 Theaters over van exploitant Henk Winkens, die met pensioen ging. Hierdoor werd het voor Royal mogelijk om met acht zalen een aanzienlijk breder filmaanbod te presenteren. Sommige critici uitten vraagtekens bij de renovatie van de drie Royal-zalen en de aankoop van H5, omdat door de aankoop van het Royal-pand door de gemeente Heerlen, de indruk ontstond dat dit alles met subsidie werd gefinancierd. De renovatie en aankoop van de H5 werden echter volledig door de exploitant zelf bekostigd. Wel verkoos de gemeente Heerlen als nieuwe eigenaar van het monumentale pand een aantal noodzakelijke ingrepen. Zo werd het gebouw voorzien van een betere brandbeveiliging en werd de oude oliegestookte verwarmingsinstallatie vervangen door stadsverwarming. Tevens werd besloten om de door steenkoolstof vervuilde gevel te reinigen, zodat deze zijn oorspronkelijke kleur weer terugkrijgt. De gemeente Heerlen heeft echter nooit inmenging gehad in de exploitatie van de bioscoop.

Concurrentie en sluiting[bewerken]

In september 2013 kreeg Royal Theaters een felle concurrent met de komst van JT Parkstad in Kerkrade. De nieuwe megabioscoop in de aangrenzende gemeente trok direct een groot percentage bezoekers weg, waardoor de toeloop naar het Royal Theater in het slop raakte. Eind 2013 vond een grote ontslagronde plaats in een poging het bedrijf draaiende te houden, maar het mocht niet baten. Op 15 juli 2014 kondigde de exploitant aan dat op 1 augustus 2014 het Royal Theater, na ruim 76 jaar, definitief de deuren zou sluiten. Hij zet de onderneming voort in het in 2011 gekochte voormalig H5-complex. Dankzij de monumentale status zal het Royal Theater als gebouw behouden blijven.

Externe links[bewerken]