Marlene Dietrich

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Dietrich in No Highway in the Sky (1951)

Marie Magdalene (Marlene) Dietrich (Berlijn, 27 december 1901Parijs, 6 mei 1992) was een Duits-Amerikaans actrice en zangeres.

Levensloop[bewerken]

Jeugd[bewerken]

Op 27 december 1901 werd Marie Magdalena Dietrich geboren als kind van de Pruisische officier Louis Erich Otto Dietrich en Elisabeth Josephine Felsing, erfgename van een rijke horlogemakersfamilie. Ze heeft lang geprobeerd het idee op te houden dat ze in 1904 geboren was. Haar voornaam "Marlene" creëert zij als kind uit haar beide voornamen. Zij zou hem later gebruiken als een artiestennaam waarmee de hele wereld haar zou aanspreken. Uit de afleiding blijkt overigens dat de vaak gebruikte uitspraak van deze naam, Marlène, niet juist is. Na een autoritaire opvoeding huwt ze op 27 mei 1923 met Rudolf 'Rudi' Sieber met wie ze één dochter, Maria Elizabeth Sieber, had.

Carrière[bewerken]

Grote bekendheid kreeg ze met haar rol als revuezangeres Lola in de film Der blaue Engel, vooral met het lied Ich bin von Kopf bis Fuß auf Liebe eingestellt. Deze film van Josef von Sternberg uit 1930 wordt nu gezien als een van de meest tijdloze films ooit gemaakt. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd ze nog bekender met haar vertolking van het lied Lili Marleen.

In 1930 verhuisde Dietrich naar de Verenigde Staten, waar ze met von Sternberg nog diverse andere succesvolle films opnam, onder andere Shanghai Express, Blonde Venus en The Devil Is a Woman. Door haar dominante persoonlijkheid slaagde ze er als eerste acteur in om een winstpercentage van de opbrengst van haar films contractueel vast te leggen. Ze werd door Hitler gevraagd terug te keren naar Duitsland. Hij zag in haar het toonbeeld van de Duitse vrouw. Maar ze weigerde. Ze verafschuwde alles waar Hitler voor stond. Ze kreeg de Amerikaanse nationaliteit. In haar nieuwe paspoort stond 1904 als geboortedatum.

In de oorlog ging ze, samen met onder meer de komiek Danny Thomas, naar Europa om voor de geallieerde soldaten aan het front op te treden en hun moreel te versterken. Haar moeder was de hele oorlog in Berlijn blijven wonen en overleed kort na de oorlog. Ze ontmoette na de oorlog haar zuster, die pro-Hitler was, en verbrak elke relatie met haar.

Ze trad in 1960 nog eenmaal in Berlijn op; ze werd uitgejoeld als verraadster en is nooit meer in Duitsland teruggekeerd.

Dietrich was een symbool van glamour en verleidelijkheid. Niet alleen haar uiterlijke verschijning, ook haar seksuele escapades zorgen voor bewondering en minachting. Ze kwam er openlijk voor uit biseksueel te zijn. "Ein bisschen bi schadet nie" is een uitspraak van haar. Onder haar vrienden bevonden zich het Amerikaanse sekssymbool Mae West, schrijver Ernest Hemingway, Noël Coward, acteur Louis Bozon en Hildegard Knef. Ze had onder andere een relatie met John F. Kennedy, Mercedes de Acosta, Douglas Fairbanks, Jean Gabin, Theodore von Kármán en Claudette Colbert.

Toen haar filmcarrière stokte begon Dietrich een nieuwe loopbaan als zangeres en entertainster. Concerttournees en optredens in Las Vegas met een orkest onder leiding van Burt Bacharach brachten haar nieuwe faam. Met Dietrich zelf ging het minder goed; zij raakte verslaafd aan alcohol en slaappillen en had steeds meer moeite haar ouderdom te verbergen. Op tournee in Australië in 1975 brak zij een been. Zij zou nooit meer in de openbaarheid verschijnen.

In 1992 overleed ze, na 15 jaar als een kluizenaar geleefd te hebben, in haar appartement in Parijs. Als een gebaar van verzoening is ze in Berlijn begraven.

Dietrichs dochter Maria Riva publiceerde na haar moeders dood een onthullend boek over haar moeder waarin de schandalen, het drank- en drugsmisbruik en het egocentrisme van haar moeder worden onthuld. Het boek wijst ook op Dietrichs discipline, vakmanschap en haar inzet voor de geallieerde zaak in de Tweede Wereldoorlog.

Een deel van Dietrichs bezittingen, waaronder haar garderobe en haar "Haute couture", is in het filmmuseum in Berlijn ondergebracht.

Onderscheidingen[bewerken]

In 1947 ontving Marlene Dietrich voor haar uitzonderlijke verdiensten tijdens de oorlog de Medal of Freedom, de hoogste Amerikaanse eretitel die normaal enkel aan militairen wordt uitgereikt. In 1951 kreeg ze in Frankrijk de eretitel van Ridder in het Legioen van Eer.

Biografieën[bewerken]

Bekende liedjes[bewerken]

Dietrich in Nederland, met Godfried Bomans (1963)
  • Ich bin von Kopf bis Fuß auf Liebe eingestellt
  • Lola Lola
  • Mein Blondes Baby
  • Johnny
  • In den Kasernen
  • Boys in the Backroom
  • Lili Marlene
  • Sag mir wo die Blumen sind (vert. van: Where have all the flowers gone)

Radio 2 Top 2000[bewerken]

Nummer met notering(en)
in de Radio 2 Top 2000
'99 '00 '01 '02 '03 '04 '05 '06 '07 '08 '09 '10 '11 '12 '13 '14
Lili Marlene 984 1111 1480 1362 861 1671 1310 - - 1964 - - - - - -
Sag mir wo die blumen sind - - - - - 1351 338 1116 1615 1031 1428 1761 1900 1902 - -
Where have all the flowers gone 1048 - - 1992 1223 - - - - - - - - - - -

Films[bewerken]


Muziek[bewerken]

Singles: 1928 - 1954[bewerken]

Eerste opnames op 78 toerenplaten:[1][2][3]

Year Titel (A-zijde) Titel (B-zijde) Label Catalogusnr. Opmerkingen
1928 "Wenn die Beste Freundin" - Electrola EG 892 Duet met Margo Lion.
1928 "Potpourri van Es Liegt in der Luft, Part 1" "Potpourri van Es Liegt in der Luft, Part 2" Electrola EH 146
1930 "Falling in Love Again" "Blonde Women" HMV B 3524
1930 "Ich bin von Kopf bis Fuß auf Liebe eingestellt" "Nimm dich in Acht vor blonden Frau'n" Electrola EG 1170
1930 "Ich bin die fesche Lola" "Kinder, heut' Abend, da such ich mir was aus" Electrola EG 1802
1930 "Wenn ich mir was wünschen dürfte" Electrola EG 2285
1931 "Peter" "Jonny" Polydor 522751
1931 "Jonny" (Alternate Version) Ultraphon AP 249
1931 "Quand l'Amour Meurt" "Give Me the Man" Electrola EG 2775
1933 "Assez" Moi, Je M'Ennuie Polydor 530000 Orkest: Peter Kreuder.
1933 "Assez" (Alternate Take) Decca M 452 Orkest: Peter Kreuder.
1933 "Ja, So Bin Ich" Polydor 524182 Orkest: Peter Kreuder.
1933 "Allein in einer Grossen Stadt" "Mein Blondes Baby" Polydor 530001 Orkest: Peter Kreuder.
1933 "Wo Ist der Mann?" Polydor 47199 Orkest: Peter Kreuder. Trompet: A. Briggs.
1935 "If It Isn't Pain (Then It Isn't Love)" "Three Sweethearts Have I" Decca
1939 "I've Been In Love Before" "You Do Something To Me" Decca 23139 Orkest: Victor Young.
1939 "You've Got that Look" "You Go To My Head" Decca 23140 Orkest: Victor Young.
1939 "Falling in Love Again" "The Boys in the Backroom" Decca 23141 Orkest: Victor Young.
1944 "Lili Marlene" "Symphonie" Decca 23456 Orkest: Charles Magnante.
1948 "Illusions" "Black Market" Decca A14582 Van A Foreign Affair.
1952 "Too Old to Cut the Mustard" "Good for Nothin'" Columbia 39812 Duet met Rosemary Clooney.
1952 "Come Rain or Come Shine" "Love Me" Columbia 39797
1953 "Time For Love" "Look Me Over Closely" Columbia 39959
1953 "Dot's Nice — Donna Fight" "It's The Same" Philips PH 21057 Duet met Rosemary Clooney.
1953 "Besides" "Land Sea and Air" Philips PB 314 Duet met Rosemary Clooney.
1954 "Ich hab' noch einen Koffer in Berlin" "Peter" Columbia 40497

Externe links[bewerken]