Samland

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Samland in Rusland

Samland (Russisch: Земландский полуостров; Semljandski poluostrov) is een schiereiland aan de Oostzee in Rusland. Het ligt behalve aan de Oostzee (westelijk) aan het Wislahaf (zuidwestelijk) en het Koerse Haf (noordelijk) en wordt verder begrensd door de rivier de Pregolja, voorheen Pregel in het zuiden en een aftakking ervan, de Dejma, in het oosten. Het gebied maakt deel uit van de exclave Kaliningrad.

Samland heeft in het westen een hoog oprijzende kust van krijtrotsen, de Barnsteenkust, die is genoemd naar het belangrijkste product dat het schiereiland voortbrengt: barnsteen. Bij Jantarni (voorheen Palmnicken) wordt in dagbouw circa 90% van de wereldproductie van dit gesteente gewonnen. Het is dan ook de belangrijkste delfstof die de exclave voortbrengt.

De bewoners van dit gebied handelden al vroeg in barnsteen: Tacitus noemt de Aestii in zijn Germania als barnsteenleveranciers. Deze Aestii, wier naam later op de Esten is overgegaan, zijn waarschijnlijk de voorlopers van de Pruzzi of Baltische Pruisen, wier taal, het Oudpruisisch, zich in Samland het langst heeft weten te handhaven: aan het einde van de zeventiende eeuw stierf het uit.

Volgens de legende zou Samland naar de Pruzzische hertog Samo zijn genoemd. In de tweede helft van de dertiende eeuw werd Samland veroverd door de ridders van de Duitse Orde en had het gebied zijn huidige naam gekregen, waarvan de Latijnse vertaling Sambia luidt. Het vormde een bisdom binnen het staat van de Duitse Orde. De ridders richtten burchten op nadat de Pruzzen verslagen waren, bevolkten nieuwe steden met burgers uit de Noordduitse handelsteden en richtten dorpen in voor boeren, eveneens uit het noorden van Duitsland. De Pruzzen waren door de oorlogen en opstanden uitgedund maar vormden toch nog meer dan de helft van de bevolking. In de 16de eeuw waren beide bevolkingsgroepen grotendeels met elkaar versmolten en het Pruzzisch stierf als taal uit in de 17de eeuw, waarna het gebied als geheel verduitst gold. Koningsbergen (Duits Königsberg en sinds 1945 Kaliningrad), in 1255 gesticht als bisschopsresidentie, werd in 1466 ook de residentie van de Hoogmeester van de Duitse Orde en daarna in de 16de eeuw zetel van de hertog van Brandenburg, die zich in 1702 tot koning van Pruisen verhief. Fischhausen was een tweede bisschopsresidentie. De laatste bisschop, Georg von Polenz, ging tot de hervorming over (1523). Samland maakte deel uit van Oost-Pruisen, toen het na de Tweede Wereldoorlog door de Sovjet-Unie geannexeerd werd. Met de komst van een overwegend Russische bevolking, na de verjaging van de Duitsers werd het verleden van Samland opnieuw rigoureus uitgewist. Ook de meeste historische monumenten zijn afgebroken en opgeruimd. Zie Verdrijving van Duitsers na de Tweede Wereldoorlog.