Schneeberg (Erzgebirge)
| Stad in Duitsland | |||
|---|---|---|---|
| Situering | |||
| Deelstaat | |||
| Landkreis | Erzgebirgskreis | ||
| Coördinaten | 50° 36′ NB, 12° 39′ OL | ||
| Algemeen | |||
| Oppervlakte | 23,35 km² | ||
| Inwoners (31-12-2020[1]) |
13.790 (591 inw./km²) | ||
| Hoogte | 470 m | ||
| Burgemeester | Ingo Seifert (FW) | ||
| Overig | |||
| Postcode | 08289 | ||
| Netnummer | 03772 | ||
| Kenteken | ERZ (alternatief: ANA, ASZ, AU, MAB, MEK, STL, SZB, ZP) | ||
| Gemeentenr. | 14 5 21 530 | ||
| Website | Officiële website | ||
| Locatie van Schneeberg in Erzgebirgskreis | |||
| Foto's | |||
| Gezicht op Schneeberg | |||
| |||
| Montanregion Erzgebirge/Krušnohoří | ||
|---|---|---|
| Werelderfgoed cultuur | ||
Fundgrube Wolfgangmaßen, info-paneel
| ||
| Land | ||
| UNESCO-regio | Europa en Noord-Amerika | |
| Criteria | ii, iii, iv | |
| Inschrijvingsverloop | ||
| UNESCO-volgnr. | 1478 | |
| Inschrijving | 2019 (43e sessie) | |
| UNESCO-werelderfgoedlijst | ||
Schneeberg (officiële benaming: Bergstadt Schneeberg) is een stad in de Duitse deelstaat Saksen, gelegen in het Erzgebirgskreis. De plaats telt 13.790 inwoners.[1]
Stad en omgeving maken deel uit van een gebied, dat het UNESCO-wereldcultuurerfgoed Montanregion Erzgebirge/Krušnohoří vormt.
Stadsindeling
[bewerken | brontekst bewerken]De gemeente bestaat uit de volgende stadsdelen:
- de bergstad Schneeberg zelf, met de wijken:
- Altstadt
- Siedlung des Friedens
- Keilbergsiedlung,
- Wohngebiet Griesbacher Hang
- Mühlberg
- Wolfsberg.
- Neustädtel[2], aan de zuidrand van Schneeberg, met de wijken:
- Altstadt
- Wohngebiet Wolfgangmaßen, iets ten zuiden van het stadje Schneeberg
- Wohngebiet Am Sommerberg.
- Griesbach
- Lindenau.
Geografie
[bewerken | brontekst bewerken]De stad ligt in het meest westelijke gedeelte van het Ertsgebergte.
Door de stad lopen de Bundesstraße 93 en de Bundesstraße 169. Openbaar vervoer is beperkt tot een vrij gering aantal streekbusverbindingen met steden in de omgeving, waarvan een aantal alleen op werkdagen, in de spitsuren rijdt.
Buurgemeentes
[bewerken | brontekst bewerken]Schneeberg grenst in het noorden aan Langenweißbach, in het noordwesten aan Kirchberg en Hartmannsdorf bei Kirchberg , in het zuiden aan Zschorlau, in het zuidwesten aan Stützengrün, en in het oosten aan Aue.[3]
Geschiedenis en economie
[bewerken | brontekst bewerken]-
Schneeberg omstreeks 1650 (Merian-prent)
-
Kaart van Schneeberg en omgeving (circa 1770)
-
Locatie uraniummijnen van SDAG Wismut in 1990. Zie nummer 8 in het gele vierkantje.
-
Voormalig station Schneeberg-Neustädtel
Schneeberg is een oude bergstad, die haar bestaan te danken heeft aan de mijnbouw. De plaats werd in 1471 gesticht en bezat vanaf 1665 officieel stadsrechten. Reeds in een document uit 1453 wordt een mijn uff dem Sneberge bie Zcwickau , bij Zwickau, vermeld. Er werd in deze tijd in de mijnen rondom Schneeberg zilver gedolven. In 1477 waren er reeds 153 mijnen, waaronder de Alte Fundgrube, die in 1477 en volgende jaren 14 ton zilver opleverde. In de 16e eeuw raakte het zilver op; de munt van Schneeberg werd in 1570 naar Dresden verplaatst. Er kwam echter een ander mijnbouwproduct voor het zilver in de plaats, namelijk kobalt, grondstof voor o.a. blauwe kleurstoffen, waarvoor hoge prijzen konden worden bedongen. Dit mineraal werd tot en met het eerste kwart van de 19e eeuw gewonnen.
In 1719 werd de stad Schneeberg door een grote stadsbrand bijna geheel verwoest. Daarna volgde herbouw, veelal in barokstijl. Een aardbeving in 1770 richtte veel minder schade aan.
Na de uitvinding van het ultramarijn ging men in de mijnen van Schneeberg en omgeving over tot de winning van nikkel en bismut. In 1823 vond een inwoner van Schneeberg, Ernst August Geitner, het argentaan of nieuwzilver[4] uit. Deze legering van nikkel, koper en zink werd gebruikt voor de productie van lepels en ander bestek, als goedkoper alternatief voor zilver. Omstreeks 1900 raakten de economisch rendabel winbare ertslagen uitgeput, en de mijnbouw werd in 1932 gestaakt. Uranium gold toen nog als waardeloos afvalproduct, en belandde op de afvalhopen (Halden).
Sinds 1815 doen veel mensen in Schneeberg aan kantklossen en het maken van folkloristisch houtsnijwerk, hetgeen men in de stad ook kan leren. Van circa 1850 tot 1975 bestond er, met enkele onderbrekingen door faillissementen en doorstarts, een vooral vanaf 1880 tamelijk grote, in geheel Duitsland bekende, poppenfabriek te Schneeberg, waar tot wel 400 mensen hebben gewerkt.
In 1859 werd een spoorlijn tussen Schneeberg en Bad Schlema in gebruik genomen. Deze bestond tot 1952.
Ten tijde van het Derde Rijk werd de mijnbouw, hoewel deze eigenlijk niet lonend was, hervat, onder inzet van talrijke dwangarbeiders. In maart 1933 werden drie tegenstanders van het regime van Adolf Hitler, Emil Max Haufe, Ernst Georg Enderlein en Richard Alfred Schubert, in het Zeisigwald door SA-mannen mishandeld, in de gymzaal Turnerheim des Arbeiterturn- und Sportbundes van Neustädtel doodgemarteld en daarna in het stuwmeertje Filzteich gedumpt. Voor hen is in de DDR-periode een monument opgericht. Op 19 april 1945, aan het eind van de Tweede Wereldoorlog, werd de stad, helaas ook het historische centrum met de St. Wolfgangskerk, zwaar beschadigd door een Amerikaans luchtbombardement.
Aan het eind van de oorlog lag Schneeberg tot juni 1945 in een niemandsland rond Schwarzenberg: het was niet duidelijk, welke van de geallieerde mogendheden het gebied zou bezetten. Uiteindelijk was dit de Sovjet-Unie.
Van 1949 tot 1990 lag Schneeberg in de DDR. De deels Sovjet-Russische onderneming Wismut bedreef in Objekt 03 uranium-mijnbouw, veelal ouderwets handmatig, tussen 1946 en 1956. Rond 1950 was het aantal inwoners van Schneeberg, door de aanwezigheid van veel mijnwerkers, tijdelijk meer dan 10.000 hoger dan in de tijd daarvóór en daarna (32.000 tegen 22.000).
De al vanaf de 18e eeuw in gebruik zijnde kazerne (Jägerkaserne), in Wolfgangmaßen, was in de DDR-periode een belangrijke officiersschool van de Nationale Volksarmee. De in 1946 op de huidige locatie gebouwde kazerne (die aanvankelijk als cultureel centrum voor de mijnwerkers van Wismut moest dienen, hetgeen aan de bouwstijl nog is te zien) was na de Duitse hereniging, in 1990, tot 2008 nog bij de Bundeswehr in gebruik. Daarna kwam er omstreeks 2014 een groot asielzoekerscentrum in, hetgeen tot felle protestacties van extreem-rechtse inwoners van Schneeberg en omgeving leidde. Anno 2025 bestaat dit AZC nog steeds; een deel van de voormalige kazerne huisvest sedert 2019 een politieschool.
Na de verdwijning van de mijnbouw werd Schneeberg met name een stad voor toerisme in het nabije Ertsgebergte, en sinds 1990 zijn de industrieterreinen in gebruik bij lokaal midden- en kleinbedrijf.
Bezienswaardigheden
[bewerken | brontekst bewerken]- Evangelisch-lutherse St.-Wolfgangskerk (in de jaren tot 1976 na zware oorlogsschade herbouwd) met altaarstuk uit 1539, gemaakt in het atelier van Lucas Cranach de Oude, van na de Reformatie; helaas in de Tweede Wereldoorlog beschadigd
- Mijnbouwkundig erfgoed, waaronder Besucherbergwerk (museum-mijn) Weißer Hirsch en enkele Pochwerke (stampmolens)
- Stadhuis (1852)
- Hospitaalkerk St. Trinitatis (H. Drievuldigheid), herbouwd na de brand van 1719
- Sterrenwacht met Zeiss-Planetarium
- Museum für bergmännische Volkskunst, museum voor mijnwerkers-folklore, gevestigd in het uit 1725 daterende Bortenreuther-Haus
- Cultureel centrum Goldne Sonne, een voormalig, in 1708 gebouwd, hotel
- Hotel Goldener Hirsch (1543)
- Het Fürstenhaus, in de 16e eeuw als Gasthaus Wenzel, een voornaam hotel, gesticht; diverse keren verwoest en herbouwd; anno 2024 als bankgebouw in gebruik
- Door de gemeente lopen enige langeafstands-fietsroutes, en de wandelroute Eisenach-Boedapest. Ook ligt de stad aan de toeristische route Silberstraße.
- Het eind 15e eeuw ontstane, 23 hectare grote stuwmeertje Filzteich is sedert juli 1933 een recreatieplas.
- Regelmatig vinden zang- en muziekuitvoeringen en optochten plaats, die voortkomen uit oude mijnwerkerstradities.
Afbeeldingen
[bewerken | brontekst bewerken]-
St.-Wolfgangskerk
-
Interieur van dit kerkgebouw
-
Vleugelaltaar (dichtgeklapt; 1539) in dit kerkgebouw
-
Hospitaalkerk St. Trinitatis
-
Evang.-lutherse O.L. Vrouwekerk (1652), Neustädtel
-
Cultureel centrum Goldene Sonne
-
Huthaus van de voormalige mijn Fundgrube
-
Gebouw voormalige stampmolen (Pochwerk) Wolfgangmaßen
-
Schneeberg-Neustädtel, stampmolen van Siebenschlehen en voormalige zilversmelterij
-
Het barokke Bortenreuther-Haus (museum)
-
Goldener Hirsch
-
Stadhuis (na brand herbouwd in 1852)
-
Zeiss-Planetarium en sterrenwacht
-
Jägerkaserne (1946)
-
De Filzteich
-
Folklore uit het Ertsgebergte: kerstpiramide te Schneeberg
Partnergemeentes
[bewerken | brontekst bewerken]Schneeberg onderhoudt jumelages met:
- Herten, Noordrijn-Westfalen
- Jáchymov in Tsjechië
- Veresegyház in Hongarije.
Belangrijke personen in relatie tot de gemeente
[bewerken | brontekst bewerken]-
Portret van Andreas Musculus
-
Gedenksteen voor Christian Friedrich Brendel te Schneeberg-Neustädtel
- Andreas Musculus (Andreas Meusel); (geboren op 29 november 1514 in Schneeberg; overleden op 29 september 1581 in Frankfurt (Oder)), evangelisch-luthers theoloog; vooral bekend om enige polemische geschriften, die in de Duitse kerkgeschiedenis Teufelsbücher, duivelsboeken worden genoemd; schreef ook kerkliederen, die door Heinrich Schütz in zijn Cantiones sacrae (1625) op muziek zijn gezet
- Veit Hans Schnorr, vanaf 1687 Schnorr von Carolsfeld, (geboren op 15 maart 1644 in Schneeberg; aldaar ook overleden op 26 januari 1715), ondernemer; exploitant van een stampmolen bij Schneeberg en van een fabriek voor blauwe kleurstoffen te Carlsfeld, dat tegenwoordig een stadsdeel is van Eibenstock.[5]
- Gottfried Christoph Härtel (geboren op 27 januari 1763 in Schneeberg; overleden op 25 juli 1827 in Cotta), muziekuitgever, mede-oprichter van de nog bestaande muziekuitgeverij Breitkopf & Härtel
- Heinrich Stölzel (1777-1844), hoornspeler die in 1814 de eerste ventielen uitvond voor blaasinstrumenten, het Stölzelventiel.
- Christian Friedrich Brendel (geboren op 26 december 1776 in Neustädtel; overleden op 20 november 1861 in Freiberg), mijnbouwkundig ingenieur (toen nog Kunstmeister genaamd); als tiener zelf mijnwerker; later, na een studiereis naar Engeland, uitvinder van en pionier op het gebied van door stoommachines aangedreven installaties in de mijnbouw. Daaronder zijn ventilatiesystemen en installaties, die in het Engels water-column engines worden genoemd.
- Ernst August Geitner (geboren medio juni 1783 in Gera; overleden op 24 oktober 1852 in Schneeberg), chemicus, uitvinder van het nieuwzilver. Hij werd ook bekend vanwege zijn tropische tuinen te Planitz, een stadswijk in het zuiden van Chemnitz, met broeikassen, die warmte kregen door een steenkoolbrand in de grond eronder.
- Egon Günther (geboren op 30 maart 1927 in Schneeberg; overleden op 31 augustus 2017 in Potsdam), filmregisseur (t/m 1978: DDR, vanaf 1979: West-Duitsland)
Externe link
[bewerken | brontekst bewerken]- www.bergstadt-schneeberg.de/seite/451053/museum-f%C3%BCr-bergm%C3%A4nnische-volkskunst.html Website Museum für bergmännische Volkskunst
- Dit artikel of een eerdere versie ervan is een (gedeeltelijke) vertaling van het artikel Schneeberg (Erzgebirge) op de Duitstalige Wikipedia, dat onder de licentie Creative Commons Naamsvermelding/Gelijk delen valt. Zie de bewerkingsgeschiedenis aldaar.
- ↑ a b (de) Bevölkerung des Freistaates Sachsen nach Gemeinden am 31. Dezember 2020
- ↑ Van 1939-1989 Schneeberg II geheten.
- ↑ De nu in de gemeente Aue-Bad Schlema gelegen plaats Oberschlema heeft van 1951-1958 deel uitgemaakt van de gemeente Schneeberg.
- ↑ Tegenwoordig alpaca genoemd.
- ↑ Niet te verwarren met zijn achterkleinzoon Veit Hanns Schnorr von Carolsfeld (1764 in Schneeberg-1841), een niet onverdienstelijk schilder en etser.