Sociocratie

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Sociocratie (van het Latijnse socius, medemens, en het Griekse kratein, regeren) is een bestuursvorm die uitgaat van gelijkwaardigheid van individuen. Die komt niet tot uiting in de one man, one vote van de democratie maar in het principe dat een besluit alleen genomen kan worden wanneer alle aanwezigen geen overwegend beargumenteerd bezwaar hebben tegen het nemen van dat besluit.[1] Dit principe wordt het consentbeginsel genoemd.

De bestuursvorm en varianten daarop worden toegepast in een groeiend aantal organisaties en gemeenschappen in Nederland en in het buitenland.

Kenmerken[bewerken | brontekst bewerken]

De oorspronkelijke sociocratische kringorganisatiemethode zoals ontwikkeld sinds de jaren '70 van de twintigste eeuw door Gerard Endenburg[2][3] is gebaseerd op vier basisregels: besluitvorming op basis van consent, een organisatie opgebouwd uit kringen, verbinding tussen twee kringen met een ‘dubbele koppeling’ en taaktoedeling volgens een sociocratische verkiezing. Latere versies en toepassingen van de sociocratie hanteren meer of andere basisregels en principes, en gebruiken soms een andere volgorde.

Om deze besluitvorming met grotere groepen mensen toe te passen is er een systeem van delegatie van beslissingsbevoegdheid nodig, waarbij een groep (de zogenaamde sociocratische kring) vertegenwoordigers kiest en deze beslissingsbevoegdheid geeft om namens hen op een hoger niveau besluiten te nemen. Dit hoger niveau wordt aangeduid als het ‘naasthoger’ niveau aangezien het beleidsbepalend orgaan binnen de sociocratisch vormgegeven organisatie niet meer in staat is om het door haar bepaalde beleid op te leggen aan (naast)lager gelegen beleidsbepalende kringen.[4]

Geschiedenis[bewerken | brontekst bewerken]

De term sociocratie is in eerste instantie in de bovengenoemde zin gebruikt door de onderwijshervormer Kees Boeke. De Rotterdamse ondernemer Gerard Endenburg heeft dit idee in de jaren '70 van de twintigste eeuw uitgewerkt in zijn elektrotechnische bedrijf.[5] Dit resulteerde in de formele sociocratische kringorganisatiemethode.

In 2007 publiceerden Sharon Villines en John Buck het boek "We the People"[6] en daarmee werd sociocratie voor het eerst algemeen toegankelijk voor de Engelssprekende wereld.

In 2015 introduceerden James Priest en Bernhard Bockelbrink de methode Sociocratie 3.0 (S3) die principes en werkvormen uit sociocratie, agile en Lean management combineert. Deze methode is flexibel en organisaties kunnen kiezen welke onderdelen van de methode ze willen toepassen.

Aan het begin van de jaren '20 van de eenentwintigste eeuw bieden tientallen aanbieders in Nederland en honderden aanbieders in het buitenland coaching, training en advies op het gebied van sociocratie.

Organisaties die werken met sociocratie[bewerken | brontekst bewerken]

Nederlandse organisaties die werken met sociocratie zijn ondere andere ontwerpbureau Fabrique[7], de Boeddhistische Omroep Stichting en een groeiend aantal ecodorpen en daarbij betrokken organisaties, waaronder De Zandroos[8], Allemansland[9] en Vereniging Ecodorpen Gelderland[10].

In Nederland maakt het democratisch onderwijs veelal gebruik van een sociocratische structuur voor het schoolbestuur. Beleidsbeslissingen worden genomen op basis van consent waarbij de scholen worden vormgegeven en georganiseerd samen met de leerlingen, op basis van gelijkwaardigheid. Zo hanteert democratische school De Ruimte in Soest sinds 2003 dit model.

Literatuur[bewerken | brontekst bewerken]

  • Endenburg, Gerard, Sociocratie: Het organiseren van de besluitvorming. Eburon (2002). ISBN 978-90-5166-930-5.
  • Cumps, Jef, Sociocratie 3.0: De businessnovelle die het beste uit mens en organisatie haalt. Lannoo (2018). ISBN 9789401454247.