Sulingen

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Sulingen
Stad in Duitsland Vlag van Duitsland
Wapen van Sulingen
Sulingen (Nedersaksen)
Sulingen
Situering
Deelstaat Vlag van de Duitse deelstaat Nedersaksen Nedersaksen
Landkreis Diepholz
Coördinaten 52° 41′ 0″ NB, 08° 48′ 0″ OL
Algemeen
Oppervlakte 110,83 km²
Inwoners (31-12-2018[1]) 12.842
(116 inw./km²)
Hoogte 47 m
Burgemeester Dirk Rauschkolb (partijloos)
Overig
Postcode 27232
Netnummer 04271
Kenteken DH, SY
Stad 5 Ortschaften & Sulingen
Gemeentenummer 03 2 51 040
Website www.sulingen.de
Locatie van Sulingen in Diepholz
Kaart van Sulingen
Portaal  Portaalicoon   Duitsland

Sulingen is een gemeente in de Duitse deelstaat Nedersaksen. De gemeente ligt ongeveer 50 km ten zuiden van Bremen in het Landkreis Diepholz. Sulingen telt 12.842 inwoners.[1] Blijkens een recente statistiek van de deelstaat Nedersaksen had Sulingen per 31 december 2020 in totaal 12.886 inwoners.

Plaatsen binnen de gemeente[bewerken | brontekst bewerken]

Sulingen bestaat uit de volgende stadsdelen (tussen haakjes het aantal inwoners[2]):

  • Kernstadt Sulingen (9.273)
  • Klein Lessen (565)
  • Groß Lessen (637)
  • Rathlosen (536)
  • Nordsulingen (1.336)
  • Lindern (545)

Ligging, verkeer, vervoer[bewerken | brontekst bewerken]

Sulingen ligt in een 30–50 m boven zeeniveau uitkomende streek met veel hoogveengebieden en dalen van een aantal kleine beken en riviertjes.

Sulingen ligt aan de Bundesstraße 214, die west-oost verloopt van Diepholz, 33 km ten westen van Sulingen, naar Nienburg/Weser, 27 km oostelijk van Sulingen. Het ligt ook aan de Bundesstraße 61, die noord-zuid (ringweg zuidelijk om de stad) verloopt van Bremen en Bassum, respectievelijk 50 en 21 km ten noorden van Sulingen, naar Petershagen en Minden, respectievelijk 40 en 50 km ten zuiden van Sulingen.

Hoewel er nog één spoorlijn door Sulingen loopt (tot ca. 1970 waren er dat zelfs vier) rijden er geen passagierstreinen meer naar het stadje. Een van de spoorlijntjes wordt incidenteel nog door olietreinen van grote oliemaatschappijen gebruikt. Openbaar-vervoerverbindingen per streekbus zijn er onder andere van en naar Nienburg/Weser, Bassum, Rahden, Diepholz en Twistringen.

Economie[bewerken | brontekst bewerken]

Sulingen ligt in een streek met veel hoogveengebieden. Anders dan in Nederland, vond hier tot na 1990, en incidenteel nog tot na 2010, turfwinning plaats. Sulingen is een typische plattelandsgemeente met veel landbouw, en met wat midden- en kleinbedrijf op enige kleine industrieterreinen. Een te Sulingen gevestigde schoenenfabriek heeft de productie medio 2020 gestaakt; de onderneming heeft er sindsdien alleen nog een kantoor.

Geschiedenis[bewerken | brontekst bewerken]

Het bij Sulingen behorende dorp Rathlosen dankt zijn naam niet aan wanhopige mensen, maar de naam is een verkorting van ouder: *rath-loh-hausen: nederzetting bij een open plek waar bos is gerooid.

Hoewel in de gemeente enige prehistorische voorwerpen zijn gevonden, komt ze pas in 1029 in de geschiedenis als de bisschop van Minden er een grote boerderij, echter zonder kasteel, blijkt te bezitten. Dit bisdom behield lange tijd de wereldlijke macht over Sulingen. Bij de pestepidemie van de 14e eeuw kwam een groot deel van de inwoners van het dorp om. In de 16e t/m 18e eeuw lag Sulingen meestal in het Graafschap Hoya (waarover de bisschop van Minden overigens ook invloed had). Dit graafschap voert in zijn wapen een berenklauw, vandaar de berenklauw in het gemeentewapen van Sulingen. De meeste christenen in Sulingen zijn sinds de Reformatie in de 16e eeuw evangelisch-luthers. Sulingen werd in de 16e t/m 18e eeuw diverse malen door pestepidemieën, oorlogsgeweld en andere rampen getroffen. Na een grote stadsbrand in 1719 werd de plaats geheel nieuw opgebouwd.

In 1900-1901, toen de plaats spoorwegverbindingen met o.a. Bremen en Bünde kreeg, groeide de plaats door nieuwbouw nabij deze spoorlijnen. Het reizigersverkeer per trein bleek na 1970 niet meer rendabel; de laatste passagierstrein verliet het station van Sulingen in 1994. De plaats kreeg van de Duitse regering, ter gelegenheid van het 9e eeuwfeest, in 1929 het recht, zich stad te noemen.

Monumenten, bezienswaardigheden[bewerken | brontekst bewerken]

  • Het uit 1721 gebouwde vakwerkhuis Alte Superintendentur, waar vroeger de vertegenwoordiger van de (lutherse) bisschop kantoor hield, is nu een cultureel centrum.
  • De St.-Nicolaaskerk, nu evangelisch-luthers, dateert oorspronkelijk uit de 14e eeuw. Deze gotische hallenkerk is in 1875 ingrijpend gerenoveerd.
  • In en om het stadje staan twee oude watermolens en één monumentale windmolen, type bovenkruier.
  • Bij Sulingen ligt ten zuidwesten van het centrum een meertje (Stadtsee). Het is in 1990 ontstaan door zandwinning, toen een ringweg om Sulingen werd aangelegd. Dicht bij dit meertje is het plaatselijke streekmuseum gelegen.
  • De plaatselijke beeldhouwer Robert Enders (1928–2003) heeft veel grote sculpturen ter verrijking van het stadsbeeld vervaardigd.

Geboren[bewerken | brontekst bewerken]

Overleden[bewerken | brontekst bewerken]

Afbeeldingen[bewerken | brontekst bewerken]

Partnergemeenten[bewerken | brontekst bewerken]

Er bestaat een jumelage met:[3]