Superdiep boorgat van Kola

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Superdiep boorgat van Kola, 2007

Het superdiep boorgat van Kola (Russisch: Кольская сверхглубокая скважина; Kolskaja sverchgloebokaja skvazjina) is een door Rusland gefinancierd project om in de aardkorst te boren. Het begon in 1970 op het Kola-schiereiland, door een aantal boorgaten te boren vanuit een centraal punt. Het diepste, SG-3, werd afgerond in 1994, waarmee een gat van 12.262 meter diep was gecreëerd, het diepste gat ooit gemaakt door mensen.

Doel[bewerken]

Het project is gebruikt voor meerdere uitgebreide geofysische studies. Dit onderzoek betrof de diepliggende structuur van de Baltische plaat; seismologische onregelmatigheden en de warmteverdeling in de aardkorst; de fysieke en chemische samenstelling van de diepe aardkorst en de overgang tussen de hogere en lagere aardkorst; lithosferische geofysica en het creëren en ontwikkelen van technologie voor diep geofysisch onderzoek.

Geschiedenis[bewerken]

Het project werd voor het eerst voorgesteld in 1962 en werd toegewezen aan de Interdepartementale Wetenschappelijke Raad voor de Studie van het Binnenste van de Aarde en Superdiep Boren (Межведомственный научный совет по проблемам изучения недр Земли и сверхглубокого бурения). De boorlocatie werd in 1965 gekozen in het noordwesten van de Sovjet-Unie, 10 kilometer noordelijk van de stad Zapolyarny.

Het Kola boorgat penetreert voor ongeveer één derde door de Baltische continentale korst, waarvan wordt aangenomen dat deze ongeveer 35 kilometer diep is. Op de bodem van het boorgat is de leeftijd van de rots 2,7 miljard jaar oud. Aanvankelijk was het doel tot 15.000 meter te boren, maar men gaf op na 24 jaar en 12.262 meter. Dit kwam voornamelijk door de hoge temperatuur van 180º C, veel hoger dan de verwachte 100º C. Als men door zou boren naar 15.000 meter zou de temperatuur waarschijnlijk oplopen tot 300º C, te hoog voor de boorkop.

Eén van de meest fascinerende bevindingen voor wetenschappers was dat de verandering van seismische snelheden niet werd gevonden bij een grens die de hypothetische overgang van Jeffreys van graniet naar basalt aangaf. Het werd gevonden bij een laag metamorf gesteente die lag tussen 5 en 10 kilometer onder de oppervlakte.

De rots was daar grondig gebarsten en verzadigd met water, wat verrassend was. Dit water, dat in tegenstelling tot oppervlaktewater uit diepe-korstmineralen moet zijn gekomen, had de oppervlakte niet kunnen bereiken door een laag van ondoordringbare rots.

De Sovjets moesten al hun vindingrijkheid aanwenden om tot deze diepten te boren, aangezien niemand anders het ooit eerder had gedaan. Hun belangrijkste innovatie was dat, in plaats van de boorkop te laten draaien door de boorstang te roteren, de boorkop werd aangedreven door de stroming van de boorvloeistof. Hierdoor hoefde de 12 kilometer lange boorstang niet mee te draaien.

Huidige status[bewerken]

De locatie wordt tegenwoordig beheerd door Staats Wetenschappelijk Project voor Superdiep Boren en Complexe Onderzoeken in het Binnenste van de Aarde (GNPP Nedra) als het Diep Geolaboratorium. In 2003 was het diepste boorgat SG-5, dat 8578 meter diep en 214 millimeter in diameter is.

Andere projecten[bewerken]

De Verenigde Staten begonnen een gelijksoortig project in 1957, Project Mohole genaamd, dat door de dunnere oceanische korst van de Grote Oceaan bij Mexico moest boren. Dit werd echter stopgezet in 1966 vanwege oplopende kosten en slecht management.

Projecten die daarna gestart zijn, zijn onder andere:

Externe links[bewerken]