Tatiana Proskouriakoff

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Tatiana Avenirovna Proskouriakoff (Russisch: Татьяна Авенировна Проскурякова, Tatjana Avenirovna Proskoerjakova) (Tomsk, 23 januari 1909 - Cambridge, 30 augustus 1985) was een Russisch-Amerikaans architecte, archeologe en taalkundige. Proskouriakoff is vooral bekend wegens haar bijdrage aan de ontcijfering van het Mayaschrift.

Proskouriakoff werd geboren in Tomsk in het Russische Rijk. In 1915 verhuisde zij met haar familie naar de Verenigde Staten omdat haar vader van tsaar Nikolaas II de opdracht had gekregen aldaar de munitieproductie voor de Eerste Wereldoorlog te overzien. Wegens het uitbreken van de Russische Revolutie kon de familie niet terugkeren naar Rusland; Proskouriakoff zou haar geboorteland slechts eenmaal bezoeken, om mede-mayanist Joeri Knorozov te ontmoeten.

Proskouriakoff studeerde af als architecte aan de Universiteit van Pennsylvania. In 1936 werkte zij voor de universiteit aan de reconstructie van de Guatemalteekse Mayavindplaats Piedras Negras. Mayadeskundige Sylvanus Morley was onder de indruk van haar werk aldaar, en zorgde dat zij een reis kon maken naar Yucatán en Honduras, waar zij reconstructietekeningen maakte van de vervallen Mayasteden, waaronder Chichén Itzá, Xpuhil en Copán. Bij terugkeer kreeg zij een betrekking aan de Carnegie Institution.

Hierna ging zij zich richten om de Mayahiërogliefen. Na onderzoeken in de jaren '50 en '60 concludeerde zij dat deze hiërogliefen niet slechts wiskundige en astronomische verhandelingen waren, maar verhalende teksten bevatten over de geschiedenis van de verschillende Mayasteden. Mede deze ontdekking leidde ertoe dat vanaf de jaren '60 de eerste Mayateksten gelezen konden worden.

De laatste jaren van haar leven besteedde Proskouriakoff aan het inventariseren van jaden voorwerpen uit Chichén Itzá. Ze overleed in 1985.