Treksterkte (materiaal)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

De treksterkte van een materiaal is een maatstaf om de mechanische eigenschappen van een materiaal te classificeren. Als het materiaal tot de treksterkte komt, is het reeds sterk plastisch vervormd. Praktisch is de vloeigrens (soms ook de 0,2%-rekgrens of Rp 0,2) van veel meer belang.

Treksterktemeting

De treksterkte is de maximale mechanische spanning die een materiaal bereikt als het plastisch vervormd wordt. Voor de meeste staalsoorten vindt dit plaats na het vloeien van het materiaal (= vloeigrens), en na de proportionaliteitsgrens (grens waarbij de Wet van Hooke geldig is).

Als het materiaal deze spanning langdurig opgelegd krijgt, dan zal er breuk optreden. Grafisch is dit duidelijk te zien in het zogenaamde spanning-rekdiagram. De treksterkte geeft op deze manier ook aan waar insnoering begint, tenzij het materiaal zo bros is dat er geen insnoering plaatsvindt. Dan breekt het materiaal zodra de spanning gelijk is aan de treksterkte.

De eenheid van treksterkte is MPa (of psi) en kan variëren van 10 MPa en minder voor sommige polymeren tot meer dan 5000 MPa voor koolstofvezels.

Treksterktes van enkele materialen[bewerken | brontekst bewerken]

Materiaal Treksterkte (σUTS)
(MPa)
Koolstof nanobuis 62000
Aramide 3620
Dyneema 3200
Chroom-vanadium staal (AISI 6150) 940
Titanium legering (6% Al, 4% V) 900
Roestvast staal koudgewalst 860
Hogesterktestaal 760
Staal 420
Aluminium legering (AlMg4,5Mn0,7) 305
Messing 250
Koper commercieel zuiver 220
Gietijzer 4.5% C 170
Been 130
Nylon, type 6/6 75
Aluminium (zuiver 99,5%) 65
Dennenhout (parallel aan de vezel) 40
Marmer 15
Rubber 15
Beton 2

Zie ook[bewerken | brontekst bewerken]

Externe link[bewerken | brontekst bewerken]