Tuinder

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Glastuinder poseert bij het deel van zijn bedrijf dat nog uit de jaren 1950 stamt

Tuinder is een agrarisch beroep waarbij op grote schaal gewassen zoals groenten, bloemplanten, bomen, bloembollen of kruiden worden geteeld. Dit wordt tuinbouw genoemd. Er zijn ook kwekers die zaden produceren van groenten, bloemen en kruiden voor de zaadbedrijven of die uitsluitend vermeerderen op basis van stekken. Tuinders wonen vaak op hun tuinderij.

Opleiding[bewerken]

Aankomende tuinders doen vaak een opleiding aan een agrarisch opleidingscentrum of tuinbouwschool. Het managen van het bedrijf is na de schaalvergrotingen in het laatste kwart van de vorige eeuw een belangrijk aspect geworden van het tuinder zijn. Naast het goed opkweken van hun planten moeten tuinders aan personeelsmanagement doen, het bedrijf moet voldoen aan de steeds wijzigende milieu-eisen en in bepaalde gevallen moeten ze zelf hun producten zien te vermarkten (in geval ze niet via de veiling(en) verkopen). Ze moeten de juiste teeltkeuzes maken: een plant kweken die goed in de markt ligt in de juiste potmaat. Bovendien moet er nauwlettend op de kostprijs gelet worden: de stijgende prijzen van grondstoffen en energie staan tegenover een verkoopprijs die reeds decennia dezelfde is gebleven.

Verwante begrippen[bewerken]

Een tuinder wordt ook wel horticulturist genoemd. In België spreekt men vaak over een kweker.

Oudere benamingen zijn warmoezenier (afgeleid van warmoes, een oud woord voor groente) en hovenier. Deze laatste term wordt tegenwoordig hoofdzakelijk gebruikt voor de vakman die siertuinen en groenvoorzieningen aanlegt en onderhoudt.

Andere betekenis[bewerken]

Het woord tuinder wordt behalve in de hiervoor besproken betekenis ook wel gebruikt als synoniem voor tuinman of tuinier. Een volkstuinder is iemand die niet-beroepsmatig groenten verbouwt voor eigen gebruik (soms voor verkoop op kleine schaal) op een eigen tuin of een volkstuin.

Zie ook[bewerken]