Vloer (turnonderdeel)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Gymnaste actief op de vloer.

De vloer is een discipline binnen het toestelturnen waarbij op een vierkante mat van 12x12 m (de vloer als turntoestel) wordt geturnd. In tegenstelling tot de lange mat, die met name op de lagere niveaus wordt gebruikt als alternatief, heeft de vloer een ingebouwde vering, waardoor extra hoogte kan worden verkregen bij de acrobatische series.

De vloer is een onderdeel van de 'olympische' meerkamp in zowel deel uit van het vrouwenturnen als het mannenturnen. De vrouwen turnen bij dit onderdeel op muziek, welke geen zang mag bevatten. Een vloeroefening mag niet langer duren dan 1.30 minuut en hoort te zijn opgebouwd uit verschillende soorten onderdelen:

  • acrobatische onderdelen (series)
  • balansonderdelen (statisch)
  • lenigheidsonderdelen

De acrobatische series zijn aaneenschakelingen van acrobatische elementen zoals flikflaks, overslagen en salto's. De vloeroefening hoort te beginnen en te eindigen met een acrobatische serie en ook halverwege de oefening zit nog een acrobatische serie. Tussendoor worden balansonderdelen geturnd (zoals de handstand) en lenigheidonderdelen (zoals de spagaat. Bij de vrije oefening op muziek wordt de oefening verder opgevuld met bewegingen op de muziek zoals in het klassiek ballet.

De randen van de vloer zijn gemarkeerd met een lijn. Verliest een turnster haar evenwicht en belandt ze buiten deze lijn, dan betekent dit puntenaftrek. Daarbij wordt van de turners gevraagd om alle hoeken van de vloer te benutten in de oefening.