Zeer strenge vorst

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Zeer strenge vorst is een term die gebruikt wordt binnen de meteorologie. Men spreekt over zeer strenge vorst wanneer de temperatuur, gemeten in een weerhut, −15,1 °C of lager bedraagt.[1]

In Nederland en België is een dergelijke temperatuur uiterst schaars; zelfs op het hoogtepunt van een koudegolf is zij niet vanzelfsprekend. De meest recente zeer strenge vorst in Nederland was op 9 februari 2021, toen in Hupsel -16,2 °C werd gemeten. De laatste keer daarvoor was op 16 januari 2013, toen in Herwijnen −18,0 °C werd gemeten. Op 27 januari 1942 daalde de temperatuur in een weerhut van het KNMI te Winterswijk naar −27,4 °C, wat nog altijd het kouderecord voor Nederland is. Het Belgische recordminimum dateert van 20 januari 1940 en staat op naam van Rochefort; −30,1 °C.