Zuid-Georgia

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Zuid-Georgia
Eiland van Zuid-Georgia en de Zuidelijke Sandwicheilanden
South Georgia - South Georgia.PNG
Locatie
Land Zuid-Georgia en de Zuidelijke Sandwicheilanden
Algemeen
Oppervlakte 3756 km²
Inwoners vrijwel onbewoond
Hoofdplaats Grytviken
Lengte 160 km
Breedte 30 km
Hoogste punt Mount Paget (2934 m)
Cumberland bay en Grytviken

Zuid-Georgia, ook wel Zuid-Georgië (Engels: South Georgia), is een nagenoeg onbewoond eiland in de eilandengroep Zuid-Georgia en de Zuidelijke Sandwicheilanden.

Het eiland werd naar verluidt voor het eerst in 1675 gespot door Anthony de la Roché, een Londense handelsreiziger, en werd daarom op vroege landkaarten als Roche Eiland aangeduid. Rond 28 of 29 juni 1756 werd het eiland gespot door het Spaanse handelsschip León, afkomstig uit Saint-Malo.

In 1775 voer kapitein James Cook om het eiland, meerde er als eerste aan, claimde het in naam van het koninkrijk Groot-Brittannië en noemde het het Eiland Georgia ("Isle of Georgia") ter ere van koning George III. In 1843 werd het eiland via een zogeheten patentbrief (Letters Patent) onder Brits bestuur gesteld.

In de 18e eeuw was het eiland een basis voor zeehondenjagers en vanaf de 19e eeuw voor walvisjagers, tot in 1960 de jacht beëindigd werd. De eerste walvisjachtbasis en daarmee de eerste permanente bewoning van het eiland werd in 1904 door de Noor Carl Anton Larsen opgericht onder de naam Grytviken. De basis was tot 1965 in gebruik. Nu is het een wetenschappelijk onderzoekscentrum. Er is een museum, dat gedurende 14 jaar (van 1992 tot 2007) werd opgebouwd en gerund door de enige twee vaste bewoners die het eiland heeft gekend: Tim en Pauline Carr.[1]

Het eiland valt onder de Britse kroon, maar de gouverneur zetelt in Stanley op de Falklandeilanden.

Historische en moderne dorpen op het eiland Zuid-Georgia
South Georgia and South Sandwich Islands.png