Anodiseren

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Geanodiseerde aluminium karabijnhaak

Anodiseren is een oppervlaktebehandeling om metalen zoals aluminium en titanium te voorzien van een oxidelaag.

Anodiseren gebeurt door middel van een elektrolytische behandeling. De oxidelaag is hard, poreus en slijtvast. Daarna kan door afsluiten van de poriën (sealen) de corrosiebestendigheid worden verbeterd.

Behandelingstypen[bewerken]

Diverse elektrolyten kunnen worden gebruikt om een anodiseerproces uit te voeren. Afhankelijk van het te anodiseren materiaal en de gewenste eigenschappen van de anodiseerlaag zal een elektrolyt en behandelingstype geselecteerd worden.

In de Amerikaanse militaire norm MIL-A-8625 wordt een globaal onderscheid van drie typen processen gemaakt voor het anodiseren van aluminium(legeringen):

  1. Chroomzuur anodiseren
  2. Zwavelzuur anodiseren
  3. Hard anodiseren

Bij aluminium kan de oxidelaag, met type II anodiseren, tot 25 μm dik zijn. Standaarddikte is 12 µm.

Proces[bewerken]

Het anodiseerproces bestaat uit de volgende processtappen;

  • Reinigen. Als eerste wordt het te bedekken metaal gereinigd om het vuil en de natuurlijke oxidelaag te verwijderen.
  • Eventuele reductie van de dikte door etsen met een zuur, om uiteindelijk op de oorspronkelijke maat uit te kunnen komen, het zogenoemde 'maatvast anodiseren'.
  • Het eigenlijke anodiseren. Het laten aangroeien van een laag oxidekristallen met behulp van gelijkstroom, door het te bedekken metaal in een bad met zwavelzuur of chroomzuur te plaatsen waarbij het metaal als anode geschakeld is (een vorm van elektrolyse), vandaar de benaming anodiseren. Tijdens of na het aangroeien kunnen de poreuze kristallen met verschillende kleurstoffen (pigmenten) gekleurd worden.
  • Het afdichten (sealen) van de poreuze kristallen door stoom of kokend heet water.

Bij hard anodiseren, type III anodiseren, is de laagdikte standaard 25 tot 50 µm. Een hard-anodiseerlaag is van nature donkerder gekleurd en moeilijker in een specifieke kleur te brengen.

Toepassingen[bewerken]

  • In de bouw om metaal, zoals aluminium kozijnen, tegen corrosie te beschermen.
  • Als elektrische isolatielaag.
  • Als zwarte laag op koelplaten, waardoor de warmtestraling wordt vergroot.
  • In de fiets- en automobielbouw om het uiterlijk te verfraaien en om het tegen corrosie te beschermen.
  • In de machinebouw voor verbeterde drukbelasting en slijteigenschappen. Tevens kunnen in de anodiseerlaag teflon-achtige materialen aangebracht worden in plaats van kleurstof. Hierdoor neemt de wrijving af en wordt een anti-hechtlaag gecreëerd.
  • In de druktechniek voor de wet-ability van offsetplaten en het aanbrengen van een lichtgevoelige laag.
  • In de laktechniek als hechtlaag voor lakken
  • Als decoratie: om het uiterlijk, meestal met kleuren, te verfraaien. Het aluminiumoxide is kleurloos en doorzichtig als glas. Lichtere kleuren maken extra gebruik van deze doorzichtigheid met als resultaat doorzichtige metallische kleuren.

Zie ook[bewerken]