Bandungconferentie

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Het latere Gedung Merdeka tijdens de Bandungconferentie
De deelnemende landen van de Bandungconferentie in Bandung, Indonesië in 1955. Negenentwintig landen waren aanwezig. Vietnam was vertegenwoordigd door zowel Noord als Zuid-Vietnam.

De Bandungconferentie of Aziatisch-Afrikaanse conferentie of Conferentie van Bandung was een conferentie die van 18 tot 24 april 1955 plaatsvond in Bandung, Indonesië. Aziatische en Afrikaanse naties die kort ervoor onafhankelijk waren geworden namen aan deze conferentie deel, alsmede leiders van enkele nationalistische organisaties. Zij werd georganiseerd door Egypte, Indonesië, Birma, Ceylon (Sri Lanka), India en Pakistan. De eerste minister-president van onafhankelijk India, Jawaharlal Nehru, was één van de hoofdrolspelers. Doelen van de conferentie waren het stimuleren van economische en culturele samenwerking tussen Afrikaanse en Aziatische landen en weerstand bieden aan kolonialisme of neo-kolonialisme van de Verenigde Staten, de Sovjet-Unie of andere naties.

Negenentwintig landen, die gezamenlijk meer dan de helft van de wereldbevolking vertegenwoordigden, stuurden afgezanten. Enkele redenen voor de conferentie zouden zijn geweest:

  • Dat de westerse landen te weinig overleg voerden in zaken die Azië aangaan, wat betreft de Koude Oorlog;
  • Bezorgdheid over spanningen tussen China en de Verenigde Staten;
  • Verlangen om een betere basis te leggen voor vredige relaties tussen China en henzelf en het Westen;
  • Weerstand tegen kolonialisme, met name de Franse invloed op Noord-Afrika en de Franse koloniale regering in Algerije;
  • Het verlangen van Indonesië zijn zaak sterk te maken in het debat met Nederland over het toenmalige Nederlands Nieuw-Guinea.
  • Soekarno wilde een sterk blok van 'derdewereldlanden' maken.

Een belangrijk onderdeel van het debat ging over de vraag, of het beleid van de Sovjet-Unie in Oost-Europa en Centraal-Azië op dezelfde manier benaderd moest worden als het westerse kolonialisme. Men bereikte er consensus over, dat "kolonialisme in al zijn verschijningsvormen" werd veroordeeld, wat impliciet inhield dat zowel de Sovjet-Unie als het Westen dit zich konden aantrekken. China speelde een belangrijke rol bij de conferentie en versterkte zijn relaties met andere Aziatische landen. Deze conferentie kreeg in 1961 een vervolg in Belgrado, waar de Organisatie van Niet-gebonden Landen werd opgericht.

Het gebouw waar de conferentie werd gehouden (de voormalige sociëteit Concordia) is een aan deze gebeurtenis gewijd museum geworden en omgedoopt in Gedung Merdeka (Vrijheidsgebouw). De straat daarvoor die Grote Postweg heette, heet sindsdien Jalan Asia-Africa (Azië-Afrikaweg).