Bedreiging (strafrecht)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Bedreiging is het dreigen met - in de meeste gevallen - fysiek geweld of de dood tegen een persoon, diens naasten of eigendommen. Bedreigingen kunnen op diverse manieren worden geuit en zijn soms zeer subtiel. Niet elke bedreiging is echter ook een strafbare bedreiging; de strafbaarheid van de bedreiging hangt er van af of de geuite bedreiging voldoet aan de bestanddelen die het wetsartikel daarvoor opsomt. Dit heeft tevens te maken met het verschil in perceptie tussen de objectieve ernst van de bedreiging en de subjectieve beleving van het slachtoffer. Sommige mensen voelen zich al snel bedreigd terwijl van een serieuze (strafbare) bedreiging nog geen sprake is, anderen worden niet warm of koud van de meest gruwelijke bedreigingen.

Onderzoek naar bedreigingen[bewerken]

De Nederlandse criminoloog Frank Bovenkerk publiceerde begin 2006 de resultaten van een onderzoek naar bedreigingen in Nederland waarbij hij zich richtte op concrete gevallen van serieus te nemen doodsbedreigingen. Aanleiding voor het onderzoek was de kennelijke toename van het aantal bedreigingen aan het adres van politici, bestuurders en andere bekende Nederlanders. Bovenkerk richtte zich echter met name op de bedreigingen van wat hij noemt de 'bewakers van de rechtsstaat' waarmee hij doelt op politici, bestuurders, politie, advocatuur, rechters en officieren van justitie. Eén van de conclusies is dat deze beroepsgroepen zowel vroeger als nu aan bedreigingen hebben blootgestaan. Toch is een toename te constateren, met name van de bedreigingen per e-mail. Ook lijkt er sprake van te zijn dat slachtoffers eerder aangifte doen waardoor de geregistreerde gevallen van bedreiging inderdaad zijn toegenomen.

Bovenkerk onderscheidt drie soorten bedreigingen:

  • bedreigingen door eenlingen. Dit kunnen gestoorden zijn of mensen die handelen uit een persoonlijke frustratie. Copycat gedrag komt in deze categorie ook veel voor: het ene geval lokt het volgende uit. In de meeste gevallen worden bedreigingen uit deze categorie echter niet omgezet in daden.
  • bedreigingen vanuit een bepaalde groep of milieu welke politiek of ideologisch gemotiveerd zijn. Dit politiek geweld, zoals Bovenkerk het duidt, komt in Nederland vanaf de jaren '70 voor en betreft veelal gecalculeerde gedragingen. Uit een onderzoek in 1995 naar 359 gevallen van ideologisch gemotiveerde gewelddadigheden bleek dat de incidenten in twee derde van de gevallen (241) als 'links' (krakers, anti-militaristen, radicale dierenactivisten) gemotiveerd te typeren waren. Bedreigingen in deze sfeer worden onder omstandigheden wel degelijk in feitelijk fysiek geweld omgezet.
  • bedreigingen door de georganiseerde misdaad. Hierbij gaat het vrijwel uitsluitend om het verdedigen van zakelijke belangen op illegale markten voor drugs, wapenhandel enzovoort. Uit eerder onderzoek bleek dat de georganiseerde misdaad over het algemeen zal trachten ongemerkt weg te komen met zijn activiteiten. Maar als het niet anders kan is men bereid, ook contra de overheid, op te treden en bedreigingen passen daarbij waarbij het uitvoeren van de geuite dreigementen aannemelijk is.

In het onderzoek werden vier categorieën van beweegredenen om te bedreigen gevonden, welke overigens ongelijksoortig zijn en waarbij overlap niet is uitgesloten:

Bovenkerk geeft geen uitsluitsel op de vraag waar de plotselinge opkomst van het bedreigen van prominente publieke figuren door verklaard kan worden. Hij geeft wel drie mogelijke perspectieven aan die deze opkomst zouden kunnen verklaren, er zou sprake kunnen zijn van een mediahype, het zou kunnen liggen aan een algemene verruwing van de omgangsvormen en de afname van het (politieke) gezag zou debet kunnen zijn aan de toename van het aantal bedreigingen aan publieke figuren.

Nederlandse Wet
Wet(boek): Strafrecht
Artikel: art. 284 Sr
Omschrijving:

1. Met gevangenisstraf van ten hoogste negen maanden of geldboete van de derde categorie wordt gestraft:
1°. hij die een ander door geweld of enige andere feitelijkheid of door bedreiging met geweld of enige andere feitelijkheid, gericht hetzij tegen die ander hetzij tegen derden, wederrechtelijk dwingt iets te doen, niet te doen of te dulden;
2°. hij die een ander door bedreiging met smaad of smaadschrift dwingt iets te doen, niet te doen of te dulden.
2. In het geval onder 2° omschreven wordt het misdrijf niet vervolgd dan op klacht van hem tegen wie het gepleegd is.

Art. 285 stelt diverse vormen van bedreiging strafbaar, ook zonder eis iets te doen enz.

Externe link[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties