Conventie van Pretoria

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Conventie van Pretoria
Paul Kruger (links) in onderhandeling voor het vredesverdrag in maart 1881, reliëf op het Standbeeld van Paul Kruger, Pretoria
Paul Kruger (links) in onderhandeling voor het vredesverdrag in maart 1881, reliëf op het Standbeeld van Paul Kruger, Pretoria
Verdragstype Vredesverdrag
Ondertekend 3 augustus 1881 in Pretoria
Herziening Conventie van Londen (1884)
Partijen Vlag van de Zuid-Afrikaansche Republiek Zuid-Afrikaansche Republiek
Flag of the United Kingdom.svg Verenigd Koninkrijk
Portaal  Portaalicoon   Politiek

De Conventie van Pretoria was het vredesverdrag waarmee de Eerste Boerenoorlog beëindigd werd. In Pretoria werd het verdrag op 3 augustus 1881 getekend door de Zuid-Afrikaansche Republiek (Transvaal) en het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Ierland.

Inhoud[bewerken]

Het verdrag bevestigde de onafhankelijkheid van de Zuid-Afrikaanse Republiek (artikel 1) en Swaziland (artikel 24), alhoewel onder de aanzienlijke suzereiniteit van het Britse rijk, wat leidde tot protesten vanuit de Volksraad. Ook werd afgesproken dat het opgesloten Marotastamhoofd Sekhukhune door Transvaal zou worden vrijgelaten.

Het verdrag werd getekend door het Driemanschap, bestaande uit Paul Kruger, Marthinus Wessel Pretorius en Petrus Jacobus Joubert, aan wie de macht in Transvaal werd overgedragen. Hercules Robinson tekende als Britse hoofdcommissaris, Evelyn Wood als Britse hoofdambtenaar in Transvaal en Sir Henry de Villiers als Kaapse hoofdrechter. President Johannes Henricus Brand van de Oranje Vrijstaat diende als bemiddelaar.[1]

Herziening[bewerken]

In 1884 werd het verdrag herziend met de Conventie van Londen, waarin het woord "suzereiniteit" werd geschrapt.

Wikisource Bronnen die bij dit onderwerp horen, zijn te vinden op de pagina Pretoria Convention op Wikisource
Bronnen, noten en/of referenties
  1. (af) Swart, M.J., e.a. (red.): Afrikaanse Kultuuralmanak. Aucklandpark: Federasie van Afrikaanse Kultuurvereniginge, 1980, p.226. ISBN 0-620-04543-4