Oranje Vrijstaat

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Nuvola single chevron right.svg Dit artikel beschrijft de voormalige boerenrepubliek Oranje Vrijstaat. Voor de voormalige Zuid-Afrikaanse provincie, het huidige Vrijstaat, zie Oranje Vrijstaat (provincie). Zie Kabouterbeweging voor de gelijknamige, in 1970 opgerichte, maatschappijkritische beweging.
Oranje-Vrystaat
Transoranje
 Oranjeriviersoevereiniteit 1854–1902 Oranjerivierkolonie 
Flag of the Orange Free State.svg Coat of Arms of the Orange Free State.svg
(Details) (Details)
Motto
Geduld en moed
(af) Geduld en moed
Kaart
De Oranje Vrijstaat rond 1890
De Oranje Vrijstaat rond 1890
Algemene gegevens
Hoofdstad Bloemfontein
Oppervlakte 129.480 km²
Bevolking 207.503[1]
Talen Nederlands (off.)
Engels
Zuid-Sotho
Zoeloe
Religie(s) Nederduits Gereformeerde Kerk
Volkslied Volkslied van Oranje Vrijstaat
Munteenheid Oranje Vrijstaatse Pond
Regering
Regeringsvorm Republiek
Staatshoofd Staatspresident
Legislatuur Volksraad
Geschiedenis
- Oprichting door Boeren 1854
- Verovering door Britse Rijk 1902
Europese geschiedenis in Zuid-Afrika

Charles Bell - Jan van Riebeeck se aankoms aan die Kaap.jpg

Van
VOC Tussenstation (1652)
tot en met de
Republiek Zuid-Afrika (heden)


Vlag van de Vereenigde Oost-Indische Compagnie Vlag van Nederland Vlag van de Bataafse Republiek Vlag van Republiek Natalia Vlag van Oranje Vrijstaat Vlag van Transvaal
Vlag van Kaapkolonie Vlag van kolonie Oranjerivier Vlag van kolonie Transvaal Vlag van Zuid-Afrika 1912-1928
Vlag van Zuid-Afrika 1928=1994 Vlag van Zuid-Afrika
..Naar chronologie
  • Brits Zuid-Afrika (1902-1910)
  • Onafhankelijkheid (1931-heden)

Portaal  Portaalicoon  Zuid-Afrika
Portaal  Portaalicoon  Geschiedenis

De Oranje Vrijstaat (Afrikaans: Oranje-Vrystaat), voorheen Transoranje, was een onafhankelijk land in Zuidelijk Afrika in de tweede helft van de 19e eeuw dat geregeerd werd door de Nederlandstalige Boeren. De hoofdstad van de republiek was Bloemfontein. De Vrijstaat was genoemd naar de Oranjerivier, die op zijn beurt weer vernoemd was naar het vorstenhuis van Nederland, de Oranje-Nassaus.

De Vrijstaat, het gebied tussen de Oranje- en de Vaalrivier, werd opgericht door de Voortrekkers en was samen met de Zuid-Afrikaansche Republiek (Transvaal) de belangrijkste Boerenrepubliek in Zuid-Afrika. Onder de regering van Johannes Henricus Brand (1864-1888) was de Oranje Vrijstaat vergeleken met Transvaal zowel politiek als economisch stabieler. Ook was de relatie met het Verenigd Koninkrijk aanzienlijk beter, waardoor de Vrijstaat tijdens de Eerste Boerenoorlog (1880-1881) niet meevocht en vooral als vredesbemiddelaar diende.

Tijdens de Tweede Boerenoorlog (1899-1902) raakte de Vrijstaat echter wel verstrikt in het conflict en werd de republiek in 1902, samen met Transvaal, geannexeerd door het Verenigd Koninkrijk. Het gebied leeft voort in de huidige Zuid-Afrikaanse provincie Vrijstaat.

Geschiedenis[bewerken]

Stichting[bewerken]

Vóór de stichting van de Oranje Vrijstaat stond het gebied tussen de Oranje- en Vaalrivier bekend als Transoranje, dat vanwege de genocidale Mfecane van Mzilikazi dunbevolkt was. De eerste Europeanen staken aan het einde van de 18e eeuw voor het eerst de Oranjerivier over, waaronder Nederlandse boeren die met hun kudden op zoek waren naar verse grasvelden.[2] De eerste Europese nederzetting in Transoranje was Philippolis, in 1823 gesticht als zendingspost door missionarissen. Begin 19e eeuw werd Philippolis en het zuiden van Transoranje bevolkt door Griekwa, afstammelingen van Afrikaners enerzijds en Khoikhoi anderzijds, die het gebied Adam Koksland noemden. In de jaren 30 en 40 van de 19e eeuw volgden de Nederlandstalige Voortrekkers die zich na de Britse annexatie van de Kaapkolonie en de Republiek Natalia in Transoranje vestigen.

De eerste nederzetting van de Voortrekkers in Transoranje was Winburg, gesticht door Voortrekkerleider Andries Hendrik Potgieter op 16 oktober 1836. Op 9 april 1844 fuseerde Potgieter de republiek Winburg met de republiek Potchefstroom tot de Republiek Winburg-Potchefstroom. Transoranje (inclusief Winburg) werd echter in 1848 door Sir Harry Smith omgedoopt tot een Britse kolonie, genaamd de Oranjeriviersoevereiniteit. Onder leiding van Andries Pretorius kwamen de Boeren uit Winburg tegen de Britse regering in opstand maar werden verslagen bij de Slag van Boomplaats. Tijdens de Britse bezetting migreerde ook een aantal Britten naar de Soevereiniteit.

Vanwege voortdurende conflicten met de Basotho in het zuiden erkenden de Britten uiteindelijk toch de onafhankelijkheid van de Oranje Vrijstaat op 17 februari 1854, en het land werd onafhankelijk op 23 februari 1854, met de ondertekening van het Conventie van Bloemfontein.

Conflict met de Basotho[bewerken]

Met hun onafhankelijkheid werden de conflicten met de Basotho nu een probleem van de Boeren. De eerste president van de Vrijstaat, Josias Philip Hoffman, probeerde hun geschillen op te lossen door de koning van de Basotho, Moshoeshoe I, een vat buskruit te schenken. Door dit besluit kwam Hoffman door de Volksraad onder vuur te liggen en werd hij gedwongen om af te treden. Hij werd opgevolgd door Jacobus Nicolaas Boshoff, die het openbaar bestuur van de Vrijstaat versterkte en de eerste initiatieven nam op gebied van onderwijs.

Conflict met Transvaal[bewerken]

Naast de Basotho kwam de Vrijstaat in 1857 ook bijna in oorlog met hun noorderburen in Transvaal. De Voorzitter van de Uitvoerende Raad van Transvaal, Marthinus Wessel Pretorius, wilde de twee republieken tot één machtige staat fuseren. De Vrijstaat stemde daar echter niet mee in waarop Transvaalse troepen de Vrijstaat binnenvielen. Er werd echter al snel vrede gesloten en beide republieken werden bondgenoten tot het einde; Pretorius zou later nog tegelijkertijd president worden van de Vrijstaat en Transvaal.

Johannes Henricus Brand was de langstzittende president van de Oranje Vrijstaat van 1864 tot 1888, een bloeiperiode voor de republiek.

Bloei[bewerken]

Onder het presidentschap van Pretorius kende de Vrijstaat een betrekkelijk rustige periode van welvaart tot de Basotho weer toesloegen. In 1861 vertrokken de Griekwa onder kapitein Adam Kok III uit Adam Koksland naar het oosten, waar Oost-Griekwaland werd gesticht. Toen Johannes Henricus Brand tot president van de Oranje Vrijstaat werd verkozen, bloeide de republiek op tot een zowel politiek als economisch sterke staat. In 1865 verklaarde hij Moshoeshoe de oorlog en met militaire steun van Transvaal werden de Basotho voorgoed verslagen waarop Moshoeshoe koningin Victoria vroeg om Britse bescherming, waarop de kroonkolonie Basutoland ontstond.

Diamanten[bewerken]

In 1866 werd de Eurekadiamant gevonden in de buurt van de Vrijstaat, wat leidde tot een grote zoektocht naar diamanten in het gebied. De ontdekte diamantmijnen werden geclaimd door zowel de Vrijstaat, het Verenigd Koninkrijk als Griekwarepubliek West-Griekwaland. De strijd werd uiteindelijk verloren door de Vrijstaat nadat de mijnen in handen kwamen van de Griekwa Nicolaas Waterboer die zichzelf onder Britse bescherming stelde. Hierop schoot de stad Kimberley ten westen van de Vrijstaat uit de grond.

Eerste Boerenoorlog[bewerken]

In 1877 werd het failliete Transvaal geannexeerd door het Verenigd Koninkrijk, maar probeerde dit in 1880 met geweld terug te draaien toen de Eerste Boerenoorlog uitbrak. Omdat president Brand de goede relaties met beide partijen wilde behouden, bleef de Vrijstaat neutraal tijdens het conflict en diende als vredesbemiddelaar. De oorlog werd door Transvaal gewonnen en de republiek kreeg zijn onafhankelijkheid terug. President Brand overleed in 1888 na 24 jaar in functie en werd opgevolgd door respectievelijk Francis William Reitz en Marthinus Theunis Steyn, die een sterkere band met Transvaal nastreefden.

Tweede Boerenoorlog[bewerken]

Nuvola single chevron right.svg Zie Tweede Boerenoorlog voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Na de Transvaalse ontdekking van goud bij de Witwatersrand en het daaropvolgende probleem met de uitlanders stegen de spanningen tussen Transvaal en het Verenigd Koninkrijk. De Vrijstaat en Transvaal hadden ondertussen een contract getekend waarbij ze elkaar militair zouden ondersteunen. Toen de Transvaalse president Paul Kruger de oorlog verklaarde aan het Verenigd Koninkrijk was de Vrijstaat dus ook in oorlog.

Ondanks een goed begin van de oorlog voor de Boeren werd Bloemfontein op 13 maart 1900 veroverd. Tijdens de guerrillafase waren het vooral de Vrijstaatse militairen die het meest onverzettelijk bleken, waaronder president Steyn en generaal Christiaan de Wet. Op 31 mei 1902 werd het Verdrag van Vereeniging getekend en werd de Oranje Vrijstaat officieel een Britse kroonkolonie, genaamd de Oranjerivierkolonie. Op 31 mei 1910 werd de Oranje Vrijstaat een provincie van de Unie van Zuid-Afrika die nog steeds bestaat als Vrijstaat.

Postzegels[bewerken]

Postzegel van 1 penny.

De republiek begon postzegels uit te geven in 1868, en bleef dit doen tot 1897. Het enige ontwerp dat werd gebruikt bestond uit een oranje boom, met de inscriptie Oranje Vrij Staat langs de kanten.

Presidenten[bewerken]

Nuvola single chevron right.svg Zie Lijst van staatspresidenten van de Oranje Vrijstaat voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

De staatspresidenten van de Oranje Vrijstaat waren:

Termijn President Noten
1854-1855 Josias Philip Hoffman 1ste president
1855-1859 Jacobus Nicolaas Boshoff 2de president
1859-1863 Marthinus Wessel Pretorius 3de president, tevens president van de Zuid-Afrikaansche Republiek in de perioden 1857–1863 en 1864–1871
1864-1888 Johannes Henricus Brand 4de president
1889-1895 Francis William Reitz 5de president
1896-1902 Marthinus Theunis Steyn 6de en laatste president
29 mei tot 31 mei 1902 Christiaan Rudolph de Wet tijdelijke president, tekenaar van het Verdrag van Vereeniging

Zie ook[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. Mr. W.A. Baron van Ittersum: Een en ander over den Oranje Vrijstaat. Elsevier's geïllustreerd maandschrift, 1 juli 1899
  2. Muller, Dr. Hendrik P.N., 1907: Oude tijden in den Oranje-Vrijstaat. Naar Mr. H.A.L. Hamelberg’s nagelaten papieren beschreven. E.J. Brill, Leiden.