El espinazo del diablo

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
El espinazo del diablo
Tagline The living will always be more dangerous than the dead
Regie Guillermo del Toro
Producent Agustín Almodóvar, Bertha Navarro
Scenario Guillermo del Toro, Antonio Trashorras, David Muñoz
Hoofdrollen Eduardo Noriega, Marisa Paredes, Federico Luppi, Fernando Tielve, Íñigo Garcés, Irene Visedo, José Manuel Lorenzo, Junio Valverde
Muziek Javier Navarrete
Montage Luis de la Madrid
Cinematografie Guillermo Navarro
Distributie Warner Sogefilms (Esp)
Première 2001
Genre Horror/thriller
Speelduur 106 min.
Taal Spaans
Land Vlag van Spanje Spanje
Vlag van Mexico Mexico
Budget 4 miljoen Amerikaanse dollar
Prijzen Amsterdam Fantastic Film Festival, 2x Goya Awards, 3x Gérardmer Film Festival, MTV Movie Award Latin America, Young Artist Award
(en) IMDb-profiel
Portaal  Portaalicoon   Film

El espinazo del diablo (Engelse titel: The Devil's Backbone) is een Spaans/Mexicaanse horrorfilm uit 2001 van regisseur Guillermo del Toro. Deze werd door Pedro Almodóvar over de streep getrokken om de titel te maken.

El espinazo del diablo is Del Toro's eerste avondvullende film waarin hij zijn affiniteit met fantasyelementen laat zien. Fantasy vormt sindsdien een rode draad door zijn regisseurscarrière. Almodóvar overtuigde Del Toro niet alleen tot het maken van de film, maar produceerde deze vervolgens ook.

Volgens de Mexicaanse regisseur is El espinazo del diablo het kleine, onvolwassen broertje van zijn film El laberinto del fauno (Pan's Labyrinth) uit 2006.

Verhaal[bewerken]

Leeswaarschuwing: Onderstaande tekst bevat details over de inhoud en/of de afloop van het verhaal.

Carlos (Fernando Tielve) wordt op zijn tiende in het weeshuis van Carmen (Marisa Paredes) en professor Casares (Federico Luppi) achtergelaten. Daar krijgt hij het aan de stok met de onderhoudsman Jacinto (Eduardo Noriega). Deze springt uit zijn vel iedere keer wanneer één van de weesjongeren in de buurt komen van een vertrek van het weeshuis met een diepe put erin. In de tuin staat bovendien een niet ontplofte, maar op scherp staande bom die overbleef uit de net beëindigde Spaanse Burgeroorlog. De geest van een jongen die vroeger in het weeshuis leefde (Santi, Junio Valverde) komt Carlos 's nachts geregeld bezoeken, om hem te waarschuwen voor een aankomend bloedbad. De bewoners van het van de buitenwereld geïsoleerde weeshuis kunnen alleen nergens heen. De andere jongens vertellen hem dat Santi verdween toen de bom in de tuin belandde, alleen weet niemand waarheen. Hij blijkt, net zo min als de bom, verantwoordelijk voor het voorspelde bloedbad. Jacinto blijkt het grote kwaad in het weeshuis. In de put die hij zo streng bewaakt, verdronk hij jaren daarvoor Santi.

Prijzen[bewerken]

Regisseur Del Toro won onder meer een Méliès Award op het Amsterdam Fantastic Film Festival voor El espinazo del diablo, alsmede vijf andere prijzen en zeven nominaties voor verschillende bekroningen (waaronder verschillende bij de Goya Awards).