Gaston Bachelard

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Handtekening Bachelard

Gaston Bachelard (Bar-sur-Aube, 24 juni 1884Parijs, 16 oktober 1962) was een Frans filosoof en schrijver. Hij hield zich vooral bezig met wetenschapsfilosofie en poëtica.

Leven en werk[bewerken]

Bachelard werd geboren als zoon van een tabakshandelaar. Na het gymnasium werkte hij enige tijd als postbeambte en studeerde in zijn vrije tijd natuurkunde. Later studeerde hij filosofie, werd leraar en uiteindelijk professor in de wetenschapsgeschiedenis en de filosofie der natuurwetenschappen aan de Universiteit van Parijs. Hier volgde hij Abel Rey op, die ook de promotor van Bachelards proefschrift was. Hij was medeoprichter van het befaamde filosofische tijdschrift Dialectica (1947), samen met Paul Bernays en Ferdinand Gonseth. In 1951 werd hij verheven in het Légion d'honneur.

Epistemologisch werk[bewerken]

Bachelard schreef belangrijke werken van epistemologische aard, waarin hij zich een tegenstander toont van Auguste Comtes positivisme. Voor Bachelard was de wetenschapsgeschiedenis geen rechtlijnige beweging van redeloosheid naar redelijkheid zoals in Comtes wet van de drie stadia wordt gesuggereerd. Eerder dan dat legt Bachelard zich toe op het beschrijven van de hardnekkige fouten of 'epistemologische obstakels" (obstacles épistémologiques) die men in de geschiedenis van de wetenschappen terugvindt. Onder zulke obstakels verstaat Bachelard bepaalde onbewuste ideeën en metaforen die het wetenschappelijk denken sterk bepalen en daardoor ook verdere evolutie blokkeren. Hij focust dan ook in zijn werk eerder op wat er fout loopt, dan welke successen er geboekt worden. In die zin noemde hij zijn project ook wel eens een "psychoanalyse van de (wetenschappelijke) kennis".

Uiteindelijk overwint de mens dit epistemologisch obstakel en kan men (in sommige gevallen) spreken van een "epistemologische breuk" (rupture épistémologique). Dit heeft als gevolg dat er plotseling nieuwe concepten kunnen ontstaan die andere volledig verwerpen dan wel incorporeren. Verder varieerde Bachelard op René Descartescartesiaans materialisme en diens idee van onveranderlijkheid; tegenover de uitspraak van Descartes “ik denk dus ik ben” stelde hij de uitspraak “ik denk anders, dus ook mijn ik verandert”: de wetenschap moet niet de wereld verklaren, maar vooral de ervaring compliceren.

Met zijn epistemologisch werk heeft Bachelard invloed gehad op een reeks Franse filosofen, onder wie Georges Canguilhem, Louis Althusser en Michel Foucault.

Literair-kritische studies[bewerken]

Bachelard kreeg vooral bekendheid door zijn literair-kritische studies. Uitgangspunt daarbij zijn de door hem geconstateerde remmingen van affectieve oorsprong die het wetenschappelijk denken in zijn ontwikkeling ondervindt. Oorspronkelijk opgezet als “psychoanalyse van het objectieve denken” worden deze literaire essays al snel autonome, fenomenologische beschrijvingen van poëtische beelden. Bekend zijn zijn beschouwingen over de vier elementen, gezien als de archetypen van de dichterlijke verbeeldingskracht: verlangen naar rust (aarde), drang naar zuivering en sublimatie (vuur), liefdes- en doodsverlangen (water) en streven naar beweging en transcendentie (lucht). In zijn L’eau et les rêves (1942) behandelt hij op originele wijze het narcisme. In een studie over Comte de Lautréamont analyseert hij de dierlijke agressiviteit als dichterlijke houding. In zijn La poétique de la rêverie (1960) behandelt hij op fenomenologische wijze het dichterlijke dromen.

Hermeneutiek[bewerken]

De hermeneutische methode die Bachelard toepast op zijn literaire werken beoogt zo veel mogelijk een creatief samenvallen van het bewustzijn van de lezer met de in het werk tot gelding komende literaire verbeelding van de auteur. In deze verbeelding kunnen zich volgens Bachelard elementen van een collectief bewustzijn manifesteren. Op grond van een duidelijke neiging tot groeperen en classificeren wordt Bachelards werk soms ook wel onder het structuralisme gerangschikt.

Bachelard oefende veel invloed uit op de Franse “Nouvelle critique” van de jaren vijftig en zestig, onder meer op Roland Barthes.

Bibliografie[bewerken]

Herdenkingsmuur in Bar-sur-Aube met teksten van Bachelard
  • Essai sur la connaissance approchée (1928)
  • Étude sur l'évolution d'un problème de physique: la propagation thermique dans les solides (1928)
  • La valeur inductive de la relativitée (1929)
  • La pluralisme cohérent de la chimie moderne (1932)
  • L'Intuition de l'instant (1932)
  • Les intuitions atomistiques: essai de classification (1933)
  • Le nouvel esprit scientifique (1934)
  • La dialectique de la durée (1936)
  • L'experience de l'espace dans la physique contemporaine (1937)
  • La formation de l'esprit scientifique: contribution à une psychanalyse de la connaissance objective (1938)
  • La psychanalyse du feu (1938)
  • La philosophie du non: essai d'une philosophie du nouvel esprit scientifique (1940)
  • L'eau et les rêves (1942)
  • L'air et les songes (Air and Dreams, 1943)
  • La terre et les rêveries du repos (1946)
  • La terre et les rêveries de la volonté (1948)
  • Le Rationalisme appliqué (1949)
  • L'activité rationaliste de la physique contemporaine (1951)
  • Le matérialisme rationnel (1953)
  • La poétique de l'espace (1957)
  • La poétique de la rêverie (1960 [1])
  • La flamme d'une chandelle (1961)
  • L'engagement rationaliste (1972)

Literatuur en bronnen[bewerken]

  • A. Bachrach e.a.: Encyclopedie van de wereldliteratuur. Bussum, 1980-1984. ISBN 90-228-4330-0
  • Dominique Lecourt, L’épistémologie historique de Gaston Bachelard (1969). Parijs, 2002.
  • Dominique Lecourt, Pour une critique de l’épistémologie: Bachelard, Canguilhem, Foucault, Parijs, 1972.
  • Dominique Lecourt, Bachelard, le jour et la nuit, Parijs, 1974.
  • Didier Gil, Bachelard et la culture scientifique, Presses Univesitaires de France, 1993.

Externe links[bewerken]